vrijdag 5 juli 2013

05-07-2013: Op zoek naar de IJsvogel

De Gewone Brunel bloeide overal vandaag.
Het is sprokkelen in deze tijd van het jaar, maar voor vandaag had ik weer een soort op het programma staan die nog niet op de jaarlijst 2013 stond: de IJsvogel. Ik had gelezen dat er gisteren een paar waren gezien in de Koornwaard bij Heukelum, dus: erop af. Ik had al eens een paar keer een stukje door dit gebied gelopen, maar nog nooit het pad tot het einde toe gevolgd, en dat werd een aangename verrassing. Dit is echt een prachtig stukje Nederland, landschappelijk gezien. Als je je eenmaal door een stuk bos hebt gewerkt (waar ik overigens nog wel een Bruine Kikker vond), kom je op een strook tussen de plas van de Koornwaard en de Linge, die vol staat met bloeiende bloemen. En ik kwam er geen mens tegen. Nou ja, twee, gedurende de hele wandeling.
Bruine Kikker
Terwijl ik langs de plas liep, lette ik natuurlijk steeds op IJsvogels, maar hoewel ik helemaal in het begin een mooi plekje voor ze zag, met een steil wandje voor een nestholte, zag ik de 'blauwe flits' niet. Ik vermaakte me met het fotograferen van plantjes, met een enkele vlinder, waarvan Bont Zandoogje de leukste was, en een Blauwborst-vrouwtje dat al alarmerend vlakbij me kwam zitten. Ik nam een foto en liep snel weer verder, want ongetwijfeld had ze daar ergens een nest. Terwijl ik daar liep ging de zon schijnen en werd het zowaar warm. Natuurlijk lette ik ook op libellen, maar ook op dat front bleef het rustig. Een paar doodgewone soortjes, dat was het. Totdat... ik bijna op een middelgrote libel ging staan die me direct aan een rombout deed denken en die een stukje voor me uit weer ging zitten. Ik liep er voorzichtig heen en maakte een paar foto's. Ja hoor, daar stond een heuse Plasrombout op!
De Plasrombout, een zeldzame libel in deze streek.
Hier was ik bijzonder blij mee, want de Plasrombout had ik nog slechts eenmaal eerder gezien bij ons in de streek. Intussen was ik al tot het einde van het pad gelopen en weer op mijn schreden teruggekeerd om dat fraaie gebied nog een keer te doorkruisen. Er vlogen onder meer drie fraaie Zwarte Sterns over, maar van de IJsvogel nog steeds geen spoor. Totdat ik weer helemaal aan het begin van het plasje arriveerde, bij het steile wandje en... daar vloog de IJsvogel vlakbij me weg en landde op een tak vlak naast het wandje. Daar kon ik hem even mooi zien zitten, en hij ving zowaar voor mijn ogen een visje. Na een paar minuten verdween de IJsvogel weer net zo snel als hij gekomen was.
Vrouwtje Blauwborst
Het spreekt vanzelf dat ik geheel tevreden was en daarom fietste ik maar weer eens naar huis toe. Maar er volgde nog een laatste verrassing, want langs de Oude Zuiderlingedijk zat er ineens een Distelvlinder vlak voor me op de weg. Ik stopte en ik kon hem mooi bekijken, deze fraaie vlinderjaarsoort die helemaal vanuit Noord-Afrika naar ons kikkerlandje is komen fladderen. Ongelooflijk, maar waar.
Het was een leuke middag in een gebied dat ik in de toekomst ongetwijfeld nog vaker zal bezoeken.


Moerasvergeetmenietje

dinsdag 2 juli 2013

02-07-2013: Naar Everdingen

Eindelijk kwam er eens een Purperreiger voor mijn lens. Helaas nog wel wat ver weg.
Het was lekker weer vandaag voor een fietstochtje, en ik koos maar weer eens voor de uiterwaarden bij Everdingen, waar ik hoopte op soortjes als de Kemphaan en de Kleine Strandloper, 'gewone' steltjes die ik in het voorjaar falikant heb gemist. Verder was ik van plan op zoek te gaan naar vlinders en libellen.
Al fietsend over de Diefdijk vergaarde ik tal van gewone soorten voor de daglijst, en tevens nog wat bloeiende plantensoorten die ik dit jaar voor het eerst zag.
Bij de uiterwaarden van Everdingen aangekomen bleek dat het water er vrij hoog stond, wat de steltloperstand niet bepaald ten goede kwam. Met veel moeite vond ik een paar normale steltjes, zoals Tureluur, Kluut, Kievit en zowaar een Witgat. Leuk was wel dat alle soorten zwaluwen er rondvlogen: Boeren-, Huis- en Oeverzwaluw en ook de Gierzwaluw.
Klein Geaderd Witje, een van de slechts vier vlinders van vandaag...
Ik besloot het paadje achterlangs te nemen in de hoop vanuit die andere positie nog wat te vinden en mogelijk ook vlinders en libellen tegen het lijf te lopen. Maar die waren allebei buitengewoon schaars vandaag, voor wat betreft de vlinders kwam ik niet verder dan twee Kleine Vossen en twee Klein Geaderde Witjes. Ook later in de Goilberdingerwaard zowat geen vlinder te bekennen. Enfin, mijn moeite werd uiteindelijk beloond met een prachtig mannetje Kemphaan met een fraaie bruine kraag, dat zich erg mooi liet bekijken.
Grote Wederik
Het vermelden waard was verder nog een roepende Waterral en een prachtige Purperreiger die opvloog uit het riet en zich zowaar op de gevoelige plaat liet zetten. Ook vond ik nog een paar libellensoorten in de Goilberdingerwaard, die ik aansluitend bezocht: twee Gewone Oeverlibellen en - tot mijn grote verrassing - een Tengere Grasjuffer, een soort die ik hier jaren geleden ook al eens heb gevonden. Helaas stond mijn fototoestel van de macrostand, waardoor alle foto's totaal mislukt zijn. Jammer, maar toch was het een fijne waarneming. Later, tijdens een fourageerstop op een picknickbankje langs de Diefdijk, kwam een Bruine Glazenmaker me van dichtbij bekijken, en dat was ook alweer een tijdje geleden. Zo werd het al met al toch weer een leuk dagje in de natuur.

dinsdag 25 juni 2013

25-06-2013: Rondje streek & een leuke vondst

Op plantengebied is er van alles te beleven in de streek. Hier de prachtige Korenbloem.
Het was eindelijk weer eens aardig weer vandaag, dus stapte ik vanmorgen op de fiets voor een rondje streek. De eerste stop was Lappenheide, waar de Kluten een goed broedseizoen hebben gehad, gezien de vele vogels in de puberleeftijd die er rondstapten. Leuk was ook een paar Kuifeenden met heel kleine pullen, die desondanks de duikkunst al beheersten. Een paar Bergeenden zwom eveneens met pullen rond. Ook de Kieviten hebben het goed gedaan, op het aangrenzende weiland stond een groep van zeker vijftig vogels, waaronder veel juvenielen.
Kluut bij Lappenheide
Boven de plas fourageerden Huis-, Boeren- en Gierzwaluwen en er stapten Tureluurs, een Scholekster en Kleine Plevieren rond. De beide Ooievaarsnesten zijn nog steeds bezet, maar ik kon niet zien of er al jongen waren. Een Bosrietzanger zat luidkeels te zingen, en die zou ik nog vaker horen vandaag. Er ontstond grote paniek onder de watervogels toen de plaatselijke Bruine Kiekendief (het mannetje) met een prooi in z'n klauwen kwam langsvliegen.
Een van de twee vlinders die ik zag op deze dag in juni was een verse Kleine Vos.
Ik fietste verder richting Acquoy en keek of ik de Steenuil kon vinden op z'n vaste stek. En jawel, daar zat -ie weer eens. Hij geeuwde nog een keer en sufte lekker verder. Ik ging verderop richting Fort Asperen en genoot van de vele bloeiende planten die ik tegenkwam, zoals een veld vol met Grote Ratelaar en een berm vol Grote Klaprozen en Korenbloemen (onder meer).
Ooievaar op het nest bij Lappenheide.
Er zong een Koekoek en opnieuw een Bosrietzanger. Even verderop hoorde ik een Grasmus en een Zanglijster.
Ik ging de Nieuwe Zuiderlingedijk op en hoorde kort een Spotvogel zingen. Ik fietste helemaal door tot ik bijna in Vogelswerf was en liep daar aan het eind van de dijk een eindje langs een slootje om juffers en libellen te zoeken. Ik vond een paar jaarsoorten, zoals Lantaarntje, Variabele Waterjuffer en Grote Roodoogjuffer. Ook kwam mijn eerste Gamma-uiltje van het jaar voorbij vliegen. Na een tijdje insecten kijken fietste ik dezelfde weg terug en daar kwam ik de verrassing van de dag tegen: een Oranje Luzernevlinder! Hij vloog op toen ik langsfietste en vloog een stukje met me mee langs de dijk. Natuurlijk stopte ik en probeerde de vlinder te fotograferen, maar aanvankelijk was -ie erg vliegerig en had ik de grootste moeite om hem in het oog te houden. Toen de zon even achter de wolken kroop werd hij rustiger, en uiteindelijk kon ik met de camera vlakbij komen en een paar bewijsfoto's maken. Het was alweer een aantal jaren geleden dat ik voor het laatst een Oranje Luzernevlinder in Nederland zag en ik was dan ook erg blij met deze waarneming.
De Oranje Luzernevlinder!
Berm vol Grote Klaprozen.

zaterdag 15 juni 2013

15-06-2013: Rondje Limburg

Tien Boomkikkers gezien vandaag. Wat een leuke beesten zijn dat!
Christiaan, Wiegert en ik hadden een ambitieus programma opgesteld voor vandaag: Orpheusspotvogel bij Weert, Grauwe Klauwier bij Meijel, Roodmus bij Montfort, Boomkikkers daar in de buurt, Eurokanarie, Kuifleeuwerik en Grauwe Fitis bij Venlo. Die hele ronde bleek onhaalbaar, dan had alles wel heel erg moeten meezitten om dat voor elkaar te krijgen. Maar we hebben toch nog heel wat gezien vandaag. Het werd een heel fraaie all round natuurdag, met vogels, vlinders, libellen, de Boomkikker, een paar zoogdieren, leuke bloeiende planten et cetera.
We begonnen bij de Kruispeel, nabij Weert, waar al een tijdje een Orpheusspotvogel zit. Die hadden we snel te pakken, ook al zong de vogel niet voluit maar slechts af en toe een paar strofen. Hij werd snel opgespoord en liet zich uiteindelijk ook nog fraai aan ons zien. Het was een leuk gebiedje, die Kruispeel, met broedende Oeverzwaluwen, zingende Geelgorzen, een zingende Wielewaal, vijf Witgatjes, een Dodaars, wat Kleine Pleviertjes en nog veel meer.
Jammer van die takjes voor de Grauwe Klauwier, maar ach.
Ons volgende doel was de omgeving van Meijel, waar zich de Grauwe Klauwier ophoudt. Hier vond ik mijn eerste libel van het jaar: een Platbuik. Er zouden vandaag nog wat soortjes bijkomen. Al rijdend naar de goeie plek zag Wiegert - messcherp als altijd - het mannetje Grauwe Klauwier al zitten aan de overkant van het veld waar we langs reden. Jammer genoeg vloog de vogel vrijwel onmiddellijk op en leek verdwenen, maar later vonden we 'm terug, vlak langs de weg, waar alleen een paar rottige takjes die zich voor de klauwier bevonden mij van een geslaagde Grauweklauwierenfoto afhielden. Jammer, maar we hebben 'm wel ontzettend mooi gezien! Ook hier weer Geelgorzen, en ook Boompiepers en een Grote Lijster.
Boomkikkers zijn heerlijke fotomodellen!
Met een score van twee uit twee reden naar onze volgende doelsoort: de Roodmus bij Montfort. Een vreselijk mooi adult mannetje dat er alweer een tijdje zit. Maar dat bleek een lastige klus en ondanks dat we er heel wat tijd in hebben gestoken, kwam ik niet verder dan twee riedels vanuit de bosrand zonder de mus te zien en mijn metgezellen, voor wie het een nieuwe soort zou zijn, helemaal niets. Jammer, maar toch was er veel te beleven, vooral op insectengebied. We zagen een prachtige Koninginnenpage, wat Icarusblauwtjes en van de libellen Vuurjuffer, Azuurwaterjuffer, Bloedrode Heidelibel, Tangpantserjuffer en Weidebeekjuffer. Zo, dat tikte aan.
Geelgorzen genoeg vandaag!
Ook hier konden we weer genieten van de Geelgors, een heerlijke vogel die we in onze streek helaas moeten missen. Maar hier zijn ze nog talrijk.
Na een uurtje vergeefs wachten op de Roodmus besloten we eerst naar de Boomkikkers te gaan. Die bevinden zich in een gebiedje daar in de buurt. Het duurde niet lang voordat we onze eerste Boomkikker vonden, op een distelblad. Er zouden er nog negen volgen, waarvan enkele exemplaren zich heel leuk lieten fotograferen. Het was pas de tweede keer dat ik Boomkikkers in Nederland zag en het was genieten geblazen! Wat een leuke beestjes zijn het toch. We zagen ze in allerlei maten, zowel kleintjes als een hele dikke (voor een Boomkikker dan).
Boomkikker meets Schorpioenvlieg.
Nadat we een flink rondje door het gebied hadden gelopen, besloten we nog een keer terug te gaan naar de Roodmussenplek. Maar ook deze keer hadden we geen geluk. Voor Venlo was er toen geen tijd meer, maar ondanks dat was het een mooie natuurdag geweest, vol met leuke beestjes en plantjes!
Vier paarden keken ons verbaasd aan bij Meijel. 'Wat komen die figuren hier nou doen,' lijken ze te denken. 

dinsdag 4 juni 2013

04-06-2013: Noordse Nachtegaal revisited

Vandaag ging ik een paar uurtjes met René op pad, voor wie de Noordse Nachtegaal nog een totaal nieuwe soort zou zijn. Maar eerst deden we een poging op de Ransuil, zagen bij aankomst direct een Purperreiger en vonden na enig zoeken de Ransuil in een andere boom dan afgelopen zondag. Daarna zetten we koers naar de Biesbosch. De eerste stop maakten we uiteraard bij de Grote Karekiet, die zich ook vandaag weer erg mooi lieten horen en zien. Jammer genoeg net te ver weg voor een aardige foto. Daarna naar het gebied genaamd Pannekoek, waar de Noordse Nachtegaal keurig meewerkte door zich uitgebreid te laten horen en zich zelfs even (aan mij) te laten zien. We maakten een wandelingetje door het gebied. Het barstte er van het vogelleven en we werden zowat van onze sokken geblazen door de zang van meerdere Cetti's Zangers, die soms vlak aan het pad zaten. Ook erg onderhoudend waren twee Koekoeken, waarvan er een open en bloot zat te roepen. Later werden ze achtervolgd en gepest door kleine vogeltjes. Ons volgende doel was de Kwartelkoning van de Lazeruswaard bij Culemborg, eigenlijk een heilloze missie zo midden op de dag maar ach, je weet immers maar nooit. Helaas hield de KwaKo zijn snavel stijf dicht. Tenslotte brachten we nog een bezoekje aan de uiterwaarden bij Everdingen, waar alweer 13 Lepelaars zaten, een Groenpootruiter rondtrippelde en tussen de meeuwen vonden we een onvolwassen Grote Mantelmeeuw (leuk voor juni) en een derde kalenderjaar Geelpootmeeuw. Die laatste was nog een jaarsoort voor mij. Tenslotte kwamen hier mijn eerste twee Icarusblauwtjes van 2013 voorbij vliegen. Het was weer een leuk dagje met erg lekker, zonnig weer.

zondag 2 juni 2013

02-06-2013: Ransuil in eigen woonplaats

De Ooievaar liet zich leuk fotograferen vanavond.
Vanavond had ik met Christiaan en Wiegert afgesproken om naar de Leerdamse Ransuilen te gaan kijken, waarvan we gehoord hadden dat ze soms om acht uur 's avonds al gaan jagen. Toen ik naar de plek fietste kwam ik drie Ooievaars tegen, waarvan er eentje wel in was voor een leuke foto. Dat was een aardig begin van de avond. Even verderop hoorde ik een Tuinfluiter zingen. Chris en Wiegert waren al ter plekke, evenals twee andere vogelaars/fotografen. Na enige tijd wachten kwamen we erachter dat er een Ransuil een paar meter boven onze hoofden in een boom zat! Dat was leuk, want het slaperige uilenbeest liet zich mooi bekijken en tussen de takken en bladeren door ook nog redelijk fotografisch vastleggen.
Slaperige Ransuil
Terwijl we zo stonden te wachten tot er wat leven kwam in de uil, werden we beziggehouden door baltsende Grutto's, een overvliegende Sperwer en een Purperreiger die langs een slootje landde, zich even liet fotograferen, weer opvloog en even later in het weiland aan de andere kant van het fietspad, maar verder weg, weer landde.
Intussen was het allang acht uur geweest. Het werd half negen, negen uur en nog steeds maakte de Ransuil geen aanstalten om te gaan jagen. Om tien over negen hielden Chris en ik het voor gezien en fietsten naar huis. Onderweg kwamen we nog een Ree tegen, die in hoog gras stond en ons wel in de gaten had, maar helemaal geen aanstalten maakten om zich uit de voeten te maken. Die ging dus nog even leuk op de foto. Later hoorden we van Wiegert, die nog gebleven was, dat de uilen rond half tien het luchtruim hadden gekozen.
Ree in het hoge gras.

zaterdag 1 juni 2013

01-06-2013: Weer een nieuwe voor Nederland en nog veel meer

Het Kleinst Waterhoen liet zich prachtig aan ons zien! (Foto: Wiegert Steen)
Vandaag ging ik opnieuw op twitcherspad, ditmaal met Wiegert, die de Kleine Klapekster hoog op zijn verlanglijst had staan. We begonnen echter bij het gebied De Ronde Venen bij Waverhoek, waar sinds eergisteravond een of meerdere Kleinst Waterhoentjes worden gehoord, en niet alleen 's nachts. Dat was goed nieuws voor mij, want dit miniralletje had ik nog altijd niet in Nederland gezien of gehoord. De vogels van de Groene Jonker die zich destijds wekenlang lieten zien op dramatische wijze gemist en verder ben ik er nooit toe gekomen om op een onzalig uur naar deze nachtbraker te gaan luisteren.
Enfin, om ongeveer kwart voor acht stonden we ter plekke te kleumen in de kou en de harde wind, want het mooie weer had het na één dag alweer voor gezien gehouden. Het waren geen ideale omstandigheden voor een roepend Kleinst Waterhoen. Maar geen nood, het paar Steltkluten dat hier broedt was snel gevonden en dat was alvast weer een fraaie jaarsoort.
Na enige tijd vergeefs wachten en luisteren besloot een andere vogelaar, die ook op zoek was, een stukje verder te lopen, maar een paar minuten later kwam hij enthousiast terug: even verderop had hij het Kleinst Waterhoen gehoord. En ja hoor, het beestje riep vrijwel constant en erg dichtbij! Iets verderop zag ik een kleine open slikvlakte en ik zei, als we 'm daar nou eens opwachten, want de vogel liep duidelijk die richting uit. Maar wie schetst mijn verbijstering (en vreugde) toen ik even later het Kleinst Waterhoen uit het riet zag komen! Wat een sensatie. Wiegert wist zelfs nog een paar foto's te maken, waarvan ik er een hierboven heb geplaatst. Kortom, iedereen stond te genieten en ik helemaal, want ik had eindelijk mijn Kleinst Waterhoen te pakken, en hoe!
Na nog een klein rondje door het fraaie gebied, dat onder meer Bontbekplevieren, een Steenloper, Kluten met jongen en Bergeenden met piepkleine pullen opleverde, besloten we naar de Kleine Klapekster te gaan, die intussen weer was gemeld. Na een paar minuten geduld kwam de Kleine Klap tevoorschijn, niet zo mooi open en bloot als gisteren, maar regelmatig vrij zittend in een kale den in een van de volkstuintjes. Het was opnieuw genieten geblazen van deze bijzonder fraaie vogel. Na een halfuurtje hadden we het wel gezien, mede omdat het vreselijk koud was, maar het was pas tien uur. Dus: op naar de intussen ook weer gemelde Terekruiter! Ook die liet zich weer heel leuk bewonderen, zij het dat -ie niet zo dichtbij zat als gisteren, maar daarentegen liet hij zich wel horen! Erg leuk om nu ook zijn geluid te horen. Het is een zeer onderhoudend beestje, dat druk fourageert en dan weer eens stoeit met de lokale Tureluurs.

Mijn eerste Argusvlinder van 2013
We besloten naar de Biesbosch te rijden, waar nog altijd de Noordse Nachtegaal zingt en waar ook een Grote Karekiet aanwezig is. Na een flinke rit arriveerden we op de karekietenplek en we hoorden hem al bij het uitstappen van de auto. Niet veel later hadden we hem ook heel mooi in de kijker, zingend bovenop een rietstengel. Ook vonden we hier twee Hooibeestjes, onze eerste van dit jaar.
Op naar de Noordse Nachtegaal, die geheel in de stijl van deze dag ook onmiddellijk begon te zingen toen wij arriveerden en dat een minuut of tien bleef doen. Voor de vergelijking zong aan de andere kant van de weg een 'gewone' Nachtegaal. Klik op deze link om de Noordse Nachtegaal een klein stukje te horen zingen.
Vervolgens reden we naar een bosje bij het Boomgat, waarvan Wiegert wist dat er Wielewalen zitten. Het duurde niet lang voordat we een Wielewaal hoorde zingen. Ook zongen hier diverse Gekraagde Roodstaarten. Tenslotte zochten we nog op een plek waar jonge Bosuilen zouden zitten, maar die vonden we niet. Wel vonden we hier onder meer onze eerste Argusvlinder van dit jaar en een zingende Cetti's Zanger.
Ik hoef je niet te vertellen dat we dik tevreden waren met de opbrengst van deze dag!

vrijdag 31 mei 2013

31-05-2013: Een score van 100%

De Terekruiter: voor mij een mooie nieuwe soort voor Nederland!
Er is momenteel van alles te beleven op vogelgebied in ons land en met name in en rond mijn geboortestreek. Dus had ik afgesproken met René om vandaag eens een paar goeie soorten te gaan scoren. We begonnen met de Terekruiter die al een aantal dagen op het Landje van Gruijters te Spaarndam bivakkeert en die voor mij nog een nieuwe soort voor Nederland zou zijn. Meestal zitten die beesten op absurde plekken als de Eemshaven of ergens diep in Zeeland en zijn ze na hoogstens twee dagen vertrokken. Maar dit Terekje heeft het best naar zijn zin in Spaarndam en zit er nu al een dag of vijf. Hem zien was een simpel karwei: er stond al een aantal vogelaars te kijken en de Terekruiter liet zich prachtig door kijker en telescoop bekijken terwijl hij druk doende was met het vangen van insectjes en het ruzieën met de lokale Tureluurs. Voor een goeie foto (met mijn simpele toestelletje) was het toch nog wat ver, maar goed, een leuk bewijsplaatje heb ik wel kunnen maken. We hebben ruim een halfuur naar het onderhoudende beestje staan kijken, lekker in de zon, want die scheen vandaag weer eens.
Daarna was het tijd voor het andere klapstuk: de Kleine Klapekster die bij Voorhout zit. René had 'm vanmorgen vroeg al opgehaald, want voor hem was het nog een totaal nieuwe soort. Maar nu reden we terug naar Voorhout zodat ik de vogel, een fraaie adult, ook kon zien. Ook de Kleine Klap werkte buitengewoon goed mee. Hij bevond zich steeds open en bloot op paaltjes en dook zeer regelmatig naar beneden om een hommel, bij of een ander insect te grazen te nemen.
De Kleine Klapekster, wat een ontzettend mooi beest!
De enige andere Kleine Klapekster die ik in Nederland heb gezien was een onvolwassen vogel, en dan is zo'n adult beest toch wel andere koek met zijn mooie inktzwarte masker en die roze gloed op z'n onderdelen. We bleven dan ook zo'n drie kwartier van hem genieten, muzikaal begeleid door een fanatiek zingende Veldleeuwerik, een vogel die we hier in de streek niet of nauwelijks meer te horen krijgen...
We hadden nog wat tijd over en dus besloten we om nog even langs de Iberische Tjiftjaf van het Sloterpark in Amsterdam te gaan. Ook deze plek was vrij snel gevonden en hetzelfde gold voor de vogel, die ik al van een afstand hoorde zingen. Zingen deed -ie constant, dus hij maakte het ons makkelijk. Hij zat aanvankelijk wat verder weg, maar uiteindelijk kregen we het IbTjifje ook nog even leuk in de kijker. En zo werd het een van die zeldzame dagen met een volle 100% score aan zeldzaamheden, waaronder voor mij een nieuwe soort voor Nederland en voor René een totaal nieuwe soort plus nog een nieuwe voor Nederland! Het spreekt vanzelf dat we zeer tevreden waren over deze 31e mei van het jaar 2013.
De Kleine Klap zat constant open en bloot op paaltjes.

donderdag 30 mei 2013

27 t/m 30-05-2013: Een paar dagen Bergherbos

Het was meteen kassa met een mooie Wespendief!
Zoals ieder jaar in mei gingen Cilja en ik ook nu weer een paar daagjes naar het heerlijke Hotel Montferland, gelegen middenin het Bergherbos. Het is een bos vol met leuke vogelsoorten die we in onze eigen streek niet of nauwelijks te zien krijgen. En als het een beetje meezit met het weer, is er ook op vlindergebied van alles te beleven. We hadden geluk: maandag de 27e en dinsdag de 28e was het eindelijk prachtig zonnig weer en de overige twee dagen verliepen ook grotendeels droog.
Onze eerste stop is traditiegetrouw op een grote open plek in het bos, op de grens van het bos, een ruig veldje vol Brem en andere struiken en stukjes akkerland. Op 27 mei waren we precies op tijd voor de vlinders, die waren net lekker opgewarmd en begonnen te vliegen. We liepen een stukje langs het fietspad dat min of meer langs de rand van het bos loopt (en deels erin). 
Bont Zandoogje
Natuurlijk vonden we Bonte Zandoogjes en Klein Geaderde Witjes, en er vlogen ontzettend veel Oranjetipjes, wat natuurlijk erg genieten was. Ook de Citroenvlinder was buitengewoon goed vertegenwoordigd, en Cilja vond de eerste van een drietal Landkaartjes. We vermaakten ons ook met wat plantjes, zoals de Wilde Akelei, een soort die ik nog niet op de foto had. De eerste 'Bergherbosvogels' dienden zich aan in de vorm van de Zwarte Mees en de Geelgors, die we allebei vaker zouden zien de komende dagen. Terug bij het parkeerplaatsje besloten we nog even te gaan zitten op een bankje daar. We zaten nog maar net toen Cilja weer eens een leuke soort voor me uit de lucht plukte: er kwam een Wespendief aangevlogen die vlakbij ons een paar rondjes draaide om daarna weer te verdwijnen. Zo, dat was een prachtige jaarsoort om mee te beginnen!
Citroenvlinder
We reden naar het hotel, waar we ons installeerden en op het terras, in het zonnetje gezeten, van een lekkere bak koffie met een kleine lunch genoten. Daarna ging ik nog een wandeling door het bos maken. Ik vond een Boterbloempje, een fraai overdag vliegend nachtvlindertje en toen ik bij een van mijn favoriete plekjes in het bos was aangekomen vond ik daar een zingende Fluiter, een roepende Zwarte Specht en de eerste Grauwe Vliegenvanger, van welke soort we er veel zagen deze dagen. Dit in tegenstelling tot zijn Bonte neefje, die we hier ook altijd zien, maar die deze keer niet wilde meewerken. Maar gelukkig had ik de Bonte Vlieg dit jaar al elders. Terug bij het hotel gingen we een lekker drankje drinken op het terras en zagen een Havik overvliegen en tegen de avond vlogen er nog twee Appelvinken over.
Landkaartje
Op 28 mei stond ik 's morgens om half zes al buiten om een lange wandeling te gaan maken. Ik vond drie Grauwe Vliegenvangers, waarvan met name één exemplaar zich prachtig en langdurig liet zien. Ook de Zwarte Mees, de Fluiter en de Geelgors waren weer present en tevens kon ik genieten van een zingende Boompieper, een soort die ik niet veel meer zie sinds ik niet meer vlakbij de duinen woon. Een zingende Vuurgoudhaan betekende weer een leuke jaarsoort en een poging op de Kuifmees in een stukje naaldbos leverde direct resultaat op, want ik hoorde er een roepen en even later kwam de Kuifmees prachtig in beeld. Ik vond ook nog een Grote Lijster, altijd leuk.
Een Havik cirkelde regelmatig boven het terras van ons hotel
Terug bij het hotel vloog er geheel onverwachts een Zomertortel langs ons balkon en landde er een fraaie Goudvink in de struiken tegenover onze kamer. Ook kwam de Havik weer een kijkje nemen.
Na het ontbijt vertrokken Cilja en ik naar een plek in de omgeving van Azewijn, waar enkele dagen geleden een paar Europese Kanaries was gemeld. Vanwege de zeldzaamheid van de vogel in deze streek zal ik de exacte locatie hier niet vermelden. Onderweg stuitten we op twee Patrijzen die over een kale akker liepen en zich lieten fotograferen. Helaas zijn de foto's niet geweldig geworden.
Het mannetje Europese Kanarie liet zich prachtig zien.
Tot onze grote verrassing was het mannetje Europese Kanarie snel gevonden. Ik wist niet eens of de vogels er nog zaten, omdat er de afgelopen dag of drie geen meldingen meer waren geweest. Maar we liepen er nog maar net toen ik een vogel hoorde roepen en even later mooi in de kijker kreeg. Vooral het mannetje liet zich langdurig zien, het vrouwtje zagen we slechts een enkele maal. Er vloog ook hier weer een Wespendief over, een Braamsluiper zong en een Groenling liet zich fotograferen.
Een mannetje Groenling wilde wel op de foto
Na een tijdje genieten van de kanaries en de andere vogels hier, reden we naar de Omsteg om bij het plasje te kijken. Hier vloog één Zwarte Stern met een aantal Visdieven boven het water en ook de Huiszwaluw was hier aanwezig. Een Spotvogel zong vanuit de struiken langs de plas. En op vlindergebied was het ook hier weer genieten van vele Oranjetipjes, die zich bovendien mooi lieten fotograferen, een Citroenvlinder en een paar Klein Geaderde Witjes. Toen we uitgekeken waren, reden we naar Huis Bergh te 's Heerenberg, een vaste plek tijdens onze bezoeken aan Montferland. Er lagen alweer drie Roodwangschildpadjes te zonnen langs de oever van de slotgracht en ook hier weer vlinders: Oranjetipjes, Dagpauwoog en Klein Geaderd Witje met name.
Mannetje Oranjetipje langs de Omsteg bij Azewijn
Terug bij Hotel Montferland, een plaats die overigens een absolute aanrader is voor natuurliefhebbers vanwege zijn schitterende ligging op een heuvel middenin het soortenrijke Bergherbos en het feit dat je er heerlijk kunt eten, scoorden we nog het enige Boomblauwtje van de trip, maakte ik nog een lange wandeling waarbij ik Roodborsttapuit en Grasmus aan de triplijst toevoegde, kwam er een Appelvink in een boom aan het terras zitten en hoorden we 's avonds de Zwarte Specht weer klaaglijk roepen vanuit het bos beneden ons.
Dagpauwoog te 's Heerenberg
We hadden twee prachtige dagen gehad, qua weer, en de 29e viel het daarom toch wel weer wat tegen dat de kou en de nattigheid terug waren van heel even weggeweest. Hoewel het achteraf toch een groot deel van de dag droog was. Ik maakte een paar lange wandelingen door het bos, waarbij ik weer de gebruikelijke soorten zag en hoorde en de Gekraagde Roodstaart aan de lijst wist toe te voegen. We reden een eindje door de streek en kwamen uiteindelijk in de buurt van Stokkem bij het zandverstuivinkje terecht, waar ik hoopte op de Raaf, die zich nog steeds niet had laten zien, terwijl hij in dit gebied normaal gesproken toch graag meewerkt aan een plekje op mijn jaarlijst. Maar helaas, ook hier was hij niet te vinden en een lange middagwandeling leverde ook geen Raven op.
Een Houtduif te 's Heerenberg wilde wel fotomodel zijn
Toen ik vanmorgen wakker werd was het heiig buiten en ik had niet veel zin in een ochtendwandeling. Ik had het hele bos meermalen doorkruist en geen Raaf gevonden, en die was de enige jaarsoort waarop ik nog kon rekenen in het Bergherbos. Maar zie: na het douchen ging ik een minuut of tien op het balkon staan, hoorde van ver een Raaf krassen en even later kwamen er maar liefst vijf Raven roepend langsgevlogen! En zo kwam het op het nippertje nog helemaal goed en had ik de volle buit binnen. Het waren weer heerlijke natuurdagen in het Bergherbos.

zaterdag 25 mei 2013

23-05-2013: Honger!

Onze Merel heeft een uitgevlogen jong. Een hongerig jong!

woensdag 22 mei 2013

22-05-2013: Verstekelingen

Vrouwtje Kaapverdische Mus kijkt verwonderd naar de belangstellende vogelaars.
Het zat de laatste tijd niet erg mee. Vogelsoorten die nieuw zouden zijn voor mijn Nederlandse lijst (sommige zelfs voor mijn wereldlijst) bevonden zich in onherbergzame delen van Nederland waar je als OV-vogelaar nauwelijks met goed fatsoen naartoe kan, zoals de Bruinkeelortolaan (Lauwersmeer), Withalsvliegenvanger en Terek Ruiter (Eemshaven) en Amerikaanse Goudplevier (Terschelling). Daar wordt je dan soms weleens een beetje moedeloos van, zeker als het weer ook nog zo deprimerend is als de afgelopen tijd. Maar zie: dan gebeurt er ineens toch weer iets ontzettend leuks in vogelland, en belangrijker nog: iets waar je bij kunt zijn! Enkele dagen geleden arriveerde het expeditieschip de Plancius in het gehucht Hansweert in Zeeland, met aan boord vier gevederde verstekelingen in de vorm van Kaapverdische Mussen. Deze waren samen met zeven soortgenoten tijdens een pelagische tocht langs West-Afrika bij Kaapverdië aan boord gevlogen en zijn meegelift tot de eindbestemming Hansweert. De zeven andere mussen hebben eieren voor hun geld gekozen en zijn in Madeira van boord gegaan.
Het mannetje Kaapverdische Mus, een fraai beestje!
De bemanning van de Plancius is zo vriendelijk om belangstellende vogelaars aan boord te laten om de mussen te bekijken en te fotograferen en velen lieten zich dat geen twee keer zeggen. Ondanks het feit dat ze wel nooit op de officiële Nederlandse lijst terecht zullen komen (omdat ze per boot zijn gearriveerd), zijn het natuurlijk wel wilde vogels en wanneer krijg je als vogelaar nu de kans om Kaapverdische Mussen te zien? Ik heb heel wat van de wereld gezien, maar in Kaapverdië ben ik nooit geweest en de kans is aanwezig dat ik er ook nooit zal komen. Maar gelukkig ligt Hansweert dichtbij Kruiningen, dat een station heeft, en dus vertrok ik vanmorgen per trein naar Zeeland. Vanuit Kruiningen was het nog 3,5 kilometer lopen naar het schip. De Plancius ligt achter een ander schip en daar moet je dus eerst overheen om op de Plancius te komen. Gelukkig is iedereen zeer behulpzaam als je je even meldt en zegt waarvoor je komt. Ik werd door een Russisch bemanningslid welkom aan boord geheten en naar de mussenplek gebracht.
En nogmaals het vrouwtje. Zo lijkt ze toch wel erg op onze eigen Huismus.
Aan boord bevonden zich nog een stuk of zes vogelaars en - het zal niet waar wezen - een medewerker van Omroep Zeeland, die een item over de mussen aan het maken waren. En dus ben ik weer eens in het nieuws te bewonderen, zie hier. Enfin, de musjes lieten zich zoals bijna altijd prachtig en van zeer nabij bekijken en fotograferen en de sfeer was erg gezellig, dus dat werd een dik uurtje genieten van deze bijzondere beestjes. Vooral het mannetje is erg mooi getekend en duidelijk anders dan onze Huis- of Ringmus. Het vrouwtje verschilt slechts weinig van een vrouwtje Huismus, je zou er zo overheen kijken. Ze is wat kleiner met een duidelijkere en bredere wenkbrauwstreep achter het oog.
Mannetje Kaapverdische Mus verschilt duidelijk van de Nederlandse mussensoorten.
Wat er nu met de beestjes gaat gebeuren is niet duidelijk. Het is maar de vraag of ze het Nederlandse klimaat aankunnen. De zomer zal wel lukken, maar de winter gaat waarschijnlijk niet meevallen. De vogels kunnen ook niet op de Plancius blijven, want die vertrekt over een paar weken naar Spitsbergen, niet echt een aantrekkelijk oord voor vogels die warmte gewend zijn...
Hieronder vind je nog een paar foto's van de Kaapverdische Mussen, en ik heb ook nog twee filmpjes gemaakt:
Filmpje 1
Filmpje 2

Vrouwtje
Gezellig samen aan de maaltijd.
Een beetje privacy tijdens de maaltijd, mag dat misschien?

zondag 19 mei 2013

19-05-2013: Sprokkeltijd

Een Kievit poseerde gewillig bij Lappenheide.
Vandaag was het eindelijk weer eens aardig weer en dus ging ik per fiets nog maar eens een rondje streek doen. De meeste 'normale' jaarsoorten staan alweer op de lijst, maar ik hoopte op een soort als de Grauwe Vliegenvanger of anders tenminste 'mijn' Cetti's Zanger, die gisteren werd teruggevonden nabij Vogelswerf. Ik kon echter hopen wat ik wilde, het zou niet baten. Vandaag werd de eerste jaarsoortloze dag van 2013. Toch zag ik best wat leuke dingen, zoals veel zingende Bosrietzangers, een Lepelaar bij Lappenheide, waar ook de beide Ooievaarsnesten nog bezet zijn en broedende Kluten en Kleine Plevieren aldaar. Langs de Nieuwe Zuiderlingedijk vlogen Oranjetipjes, Klein Geaderd Witjes en mijn eerste Klein Koolwitje van 2013, evenals een Dagpauwoog.  Er zong kort een Nachtegaal en bij Heukelum vond ik een enthousiast zingende Spotvogel.

woensdag 15 mei 2013

15-05-2013: Paar uurtjes naar de Zouweboezem

Een mannetje Krakeend was wel in voor een foto.
Het is tot nu toe een bar jaar, qua weer. Eerst hadden we te kampen met een vreselijk lange winter en nu stelt het voorjaar ook al helemaal niets voor. Het blijft maar koud en nat en veel zin om erop uit te gaan heb ik dan ook niet. Echt goede soorten worden er ook al niet gevonden. Maar vanmiddag werd het zowaar even droog en Cilja en ik zagen onze kans schoon om voor een paar uurtjes de Zouweboezem te bezoeken. We zaten een tijdje op het platformpje bij de Zwarte Stern en zagen een stuk of zeven Zwarte Sterns op vlotjes en rondvliegend. Het was een nogal schamel aantal, vonden we, maar misschien komen er in de loop van mei nog meer bij. Van de sterns die er wel waren konden we in ieder geval met volle teugen genieten, wat een mooie en sierlijke vogels zijn het toch.
We liepen nog even naar het kijkscherm en onderweg daarnaartoe vonden we een zingende Bosrietzanger, nog een jaarsoort. De Bosriet deed zeer zijn best en trakteerde ons op een onder vogels nauwelijks geëvenaard staaltje muzikaliteit en imitatietalent. Natuurlijk zagen we ook de 'normale' Zouweboezemvogels, waaronder een mooie overvliegende Purperreiger, de Koekoek, Bruine Kiekendieven en de diverse rietvogeltjes.

zondag 12 mei 2013

10 en 11-05-2013: Dutch Birding voorjaarsvogelweekend

De Grote Burgemeester van Slotervaart is weer terug!
Op 10 mei begon het tweede Dutch Birding Voorjaarsweekend op Texel en traditiegetrouw was ik met Koert en René weer van de partij. Qua weer leek het deze maal meer op een najaarsweekend, en qua temperatuur had het ook best een winterweekend kunnen zijn, maar we moesten het ermee doen. Mede omdat er op Texel nog niet erg veel spannends te beleven was, gingen we al vogelend naar het noorden. We begonnen onze reis met een bezoek aan de Grote Burgemeester van Amsterdam Slotervaart die weer is teruggekeerd op zijn stekkie langs de Plesmanlaan. We reden er eenvoudig heen en zagen de burg direct zitten. De vogel bevindt zich nu in zijn derde kalenderjaar en is van snavelbasis tot staartpunt prachtig wit. Intussen kwamen er twee Halsbandparkieten overvliegen, die ik ook nog niet had dit jaar.
Doelsoort nummer twee was de Kraanvogel van de Dijkgatsweide aan de Noorderdijkweg te Wieringermeer. Maar eerst speurden we de Dijkwielen af op zoek naar Toppers en jawel, drie mannen en een vrouwtje van deze leuke eenden(jaar)soort dreven op het water.
De Kraan van Wieringermeer
De Kraanvogel kostte wat meer moeite. Je zou verwachten dat je zo'n joekel zo ziet staan, maar hoe we (vanaf de weg) ook speurden, er was geen Kraan te zien. Gelukkig had Koert gelezen dat hij soms alleen vanuit de hut te zien was, dus liepen we daarheen, onder muzikale begeleiding van onder meer Fitis, Tjiftjaf, Vink, Winterkoning, Grasmus, Kleine Karekiet, Tuinfluiter, Zwartkop en Rietzanger. En jawel, daar stond onze Kraanvogel, een tweedejaars beest, langs de plas voor de hut. Hij stond zelfs toe dat we hem fotografeerden, zij het van enige afstand. Aan de rand van het plasje bevond zich ook nog een Tapuit, weer een jaarsoort voor mij.
Het was de hoogste tijd om naar Texel te gaan. We hadden intussen gemerkt dat het knalhard waaide en dat zou op Texel alleen nog maar erger worden. Dat kwam met name tot uitdrukking bij onze eerste doelsoort op het eiland: de Morinelplevier. Er zaten er meer dan twintig langs de Hollandseweg en terwijl we daar stonden te speuren werden we zowat gezandstraald. Maar na korte tijd zoeken kwamen de Morinellen tevoorschijn, eerst voorzichtig, een paar tegelijk, en uiteindelijk vloog het hele clubje op om even verderop weer te landen, tijdens welke manoeuvre we 24 stuks telden. En wat waren ze mooi! Prachtige vogels zijn het, Morinelplevieren in hun zomerkleed. Nadat we uitgebreid van ze hadden genoten, gingen we naar Restaurant De Robbenjager voor een welverdiende lunch. Ondanks het flutweer en de zeer weinige meldingen hadden we alweer leuk gescoord.
Na de lunch liepen we bij Dorpszicht even in het bosje rond, in de zon en de beschutting - wat was dat heerlijk. In het voorbijgaan pikten we meteen de Spotvogel mee die daar huist, en die af en toe wat zangflarden liet horen.
Op naar Ottersaat, waar we na lang en intensief speuren twee stuks Noordse Stern wisten te vinden. Ze zaten er mooi voor en we konden alle kenmerken nog eens goed bekijken. Vervolgens naar het Wagejot, waar de aldaar gemelde Krombekstrandloper in zomerkleed goed meewerkte. Er stapten ook nog drie Kanoeten rond en prachtige Zilverplevieren in zomerkleed.
De melding van een Witbuikrotgans bracht ons bij De Schans, waar de Witbuik snel gevonden was. Altijd leuk om tussen die Rotjes te speuren naar Witbuiken of Zwarte Rotganzen.
Vind ze maar eens, Morinelplevieren op een kale akker
Aan het eind van de middag brachten we een bezoek aan Utopia, het recent ontwikkelde natuurgebied in het noordoosten van Texel. Daar is altijd wat te beleven. We liepen nog maar net het gebied in toen een groep Gele Kwikstaarten onze aandacht trok. Nu zijn Gele Kwikken prachtige vogels om naar te kijken, en al kijkende zag ik er ineens een mooie man Engelse Kwikstaart tussen zitten en, tot mijn eigen verbazing, had ik die even later in één kijkerbeeld met een vrouw Noordse Kwikstaart. Alle kwikken onder controle! We liepen verder, zagen een Lepelaar van korte afstand z'n snavel door het water zwaaien en op een van de schelpenstrandjes vonden we onze doelsoort: twee fraaie Dwergsterntjes. Zo, er zaten weer een stuk of wat leuke jaarsoorten in de tas. Ondanks het gebrek aan echte zeldzaamheden hadden we toch een mooie dag gehad.
Op 11 mei ging om half zes des morgens het wekkertje in kamer 117 van de Stayokay Texel. De kwaliteit van het onderkomen was dit jaar ongeveer gelijk aan die van het weer, maar vooruit, het was natuurlijk Hemelvaartweekend en iets anders was er niet meer te vinden. Maar half uitgeslapen spoedden we ons naar de tuintjes, waar het vooral erg koud en winderig was, terwijl donkere wolken zich boven het gebied samenpakten. Met veel moeite vonden we er, afgezien van wat doodnormale soortjes, een paar Braamsluipers en Roodborsttapuiten.
Gelukkig was het ontbijt in de Stayokay van een alleszins redelijke kwaliteit, maar buiten was het begonnen met regenen en die zou de hele ochtend aanhouden. We besloten de Temminck's Strandlopers bij Waal en Burg te gaan zoeken, maar daar moest je pal tegen wind en regen in kijken, wat het zoeken naar een piepklein onopvallend strandlopertje er niet makkelijker op maakte. Ineens ontstond er paniek zo'n vijftig meter verderop, want daar had men een Poelsnip gevonden! Kijk, dat zijn de soorten, en in no time stonden we in de gestaag neervallende regen naar het beest te zoeken, dat twee minuten vrij had gezeten maar nu was verdwenen in hoog gras. En daar zou de snip helaas niet meer uit komen vandaag. Uiteindelijk dropen we drijfnat en verkleumd af richting Wagejot, alwaar een Kleine Strandloper was gezien, die in ieder geval een jaarsoort was. Ter plaatse was die Kleine nergens te bekennen. Wel vonden we er acht Dwergmeeuwtjes, allemaal onvolwassen beestjes, en dat vonden we hartstikke leuk.
De Witbuikrotgans van De Schans.
Ook de Kanoeten, de Zilverplevieren en Steenlopers in zomerkleed, een clubje van vijftien Rosse Grutto's, tien Bonte Strandlopers in zomerkleed en een Dwergstern waren aanwezig om van te genieten. Intussen werd het droog, en opnieuw reden we naar Waal en Burg, waar we nu razendsnel drie Temminck's Strandlopers vonden die vlakbij de weg zaten en die we uitgebreid konden bewonderen in de telescoop.
Het was alweer tijd om te lunchen bij de Robbenjager, waar we even lekker konden opwarmen en bijkomen. Op weg daarnaartoe reden we nog even langs Zeeburg, waar onder meer een Paapje was gemeld. Die werd helaas alleen door René gezien (de enige van ons die 'm al had), waarna de gluiperd spoorloos verdween in het gras.
Toen we bijna klaar waren met lunchen kwam er zowaar een andere melding binnen dan die van Morinellen en de twee zeldzame rotganssoorten: een Gestreepte Strandloper achter de Robbenjager! Daar gingen we als een speer op af, want we hadden intussen een grote zeldzaamhedenhonger opgebouwd. En jawel, na enig getob door het mulle zand vonden we een plek waarvandaan de Gestreepte zich heel mooi liet bekijken. De vogelaars stroomden massaal toe, iedereen was natuurlijk toe aan een leuke soort en deze Gestreepte Strandloper is daarom misschien wel de meest getwitchte sinds lange tijd.
Toen we verzadigd waren van de strandloperbeelden reden we terug naar Zeeburg, waar we de Rotganzen gingen afspeuren, want er was daar zowel een Witbuik- als een Zwarte Rotgans gemeld, en vooral die laatste wilden we nog wel zien. De Witbuik was snel gevonden, de Zwarte had wat meer voeten in de aarde, maar die vonden we uiteindelijk in een ander deel van het reservaat, waarna ook deze - de fraaiste rotganssoort - zich mooi liet bekijken.
Voordat we naar de veerboot gingen, keken we nog even in de Mokbaai, waar verder niets nieuws te halen was. Wel zong er op de achtergrond een Nachtegaal.
En zo kwam er een einde aan een herfstig DB Voorjaarsweekend. Deze maal bleven de echte knalsoorten uit, maar gelukkig was er verder genoeg leuks te beleven.
Lepelaar in Utopia.