maandag 16 oktober 2017

13 t/m 16-10-2017: Dutch Birding najaarsweekend 2017

De ster van het weekend: de Hop!
13-10-2017
Ik moest vanmorgen vroeg uit de veren, om 05:00 uur om precies te zijn, maar het was voor een goede zaak, want het Dutch Birding najaarsweekend op Texel zou vandaag beginnen en daar moesten Koert, René en ik traditiegetrouw bij zijn. Om negen uur troffen we elkaar op het station van Den Helder en een halfuurtje later stonden we op de veerboot, uiteraard op het achterdek, om te zien of er nog leuke soorten achter de boot aan kwamen vliegen. Het bleef echter bij de gewone meeuwensoorten en een paar Rotganzen.
In Den Helder hadden we al de eerste overtrekkende Grote Gele Kwikstaart, Veldleeuweriken en Vinken.
Het waaide behoorlijk stevig uit het zuidwesten vandaag en qua temperatuur was het ook niet zo aangenaam als ons door de weervoorspellers was beloofd, maar goed, het was tenminste droog.
Eenmaal op Texel besloten we meteen voor een van de potentiële hoofdprijzen te gaan: het groepje Grote Kruisbekken dat al een aantal dagen in de Staatsbossen rondzwierf. We posteerden ons op de uitkijktoren bij de Fonteinsnol, waar je een goed overzicht over de boomkruinen hebt en tamelijk ver kunt kijken. Op een zeker moment zouden die kruisbekken toch zeker langs komen vliegen?
'gewone' Kruisbekken.
Maar dat viel toch niet mee. De Grote Kruisbekken hadden vandaag een andere locatie uitgezocht waar ze zo'n beetje de hele dag rondhingen (bleek achteraf) en wij zagen en hoorden weliswaar eenmaal een groep kruisbekken langsvliegen, maar echt veel chocola was er niet van te maken. Wel vloog er een roepende Barmsijs over, jaarsoort nummer 1, en er vlogen Putters, Sijzen, Graspiepers en we zagen en hoorden allerlei gewone bosvogels.
Rond de middag waren we het zat en gingen lunchen bij De Robbenjager. Daarna besloten we een poging te doen op de Hop die onregelmatig bij camping Sluftervallei werd gezien, maar we waren daar nauwelijks aan het lopen toen er een melding kwam van een tamme Sneeuwgors op het parkeerterrein van paal 28, vlakbij dus. Die was nog een jaarsoort voor ons allemaal, dus: erop af! We kregen geen spijt van deze beslissing, want de Sneeuwgors, een mannetje, liet zich fantastisch zien en van dichtbij fotograferen. Wat een heerlijk beestje!
Het mannetje Sneeuwgors van paaltje 28.
Toen we uitgefotografeerd waren, stortten we ons alsnog op de Hop, maar die wilde vooralsnog niet meewerken. Wel kwam er een mooi vrouwtje Blauwe Kiekendief voorbij vliegen. Onze ronde over de camping bleef verder echter vruchteloos.
Dan maar naar het Renvogelveld, waar de soortenlijst flink werd aangevuld met water- en andere vogels. Een kort bezoek aan het reddingsbotenhuis leverde weinig op, mede vanwege de almaar aanwakkerende wind.
We besloten naar Dijkmanshuizen te gaan, niet alleen omdat daar een Grauwe Franjepoot huisde, maar ook in de hoop daar nog wat steltloper-jaarsoorten aan te treffen. Met name de Watersnip was een gewilde soort voor mijn metgezellen. En die troffen we inderdaad aan, samen met het Grauwe Franjepootje en een Kleine Strandloper.
Nogmaals het mannetje Sneeuwgors.
We deden een poging op een Bladkoning in het Krimbos, maar behalve een paar fraaie Kepen zagen we daar niets bijzonders. Toch begon het ineens weer te lopen. Er werd een Klapekster gemeld bij De Mient, en toen we daarnaar op weg waren kwam de melding van een Roodhalsgans tussen de Brandjes aan de Hoofdweg door. Eerst die maar, dus. Gelukkig was de Roodhals snel opgespoord en die was voor René en Koert een jaarsoort en voor mij een nieuwe Texelsoort.
Maar we moesten door, want het begon al donkerder te worden en toen we bij De Mient aankwamen schemerde het al flink. De verwachtingen waren niet erg hoog meer gespannen, want die Klapekster zou ongetwijfeld zijn slaapstokje al hebben opgezocht. Het was meer een kwestie van de dood of de gladiolen geworden, omdat we toch al op weg waren. Maar zie: het werden de gladiolen, want de Klapekster trok zich niets aan van de invallende duisternis en vloog om even voor zeven uur nog vrolijk heen en weer en poseerde voor ons in een kaal boompje. Het was een buitengewoon sfeervolle afsluiter van deze eerste dag!

14-10-2017
Grote Kruisbek!
We begonnen de dag op de plek waar de Grote Kruisbekken gisteren af en aan waren gezien: bij De Tureluur. Bij aankomst kwamen er direct twee kruisbekken aangevlogen die landden in een boomtop: twee 'gewone' Kruisbekken, voor mijn metgezellen nog een jaarsoort. Een groep van minstens 40 Sijzen kwam de hele tijd langs gevlogen en landde regelmatig in de bomen voor ons. Er vlogen wat Kepen over en hé: er riep een Bladkoning! Leuk, maar het gluiperdje liet zich helaas maar zeer kort en niet erg goed zien.
Na drie kwartier wachten was het dan zover: daar kwamen de Grote Kruisbekken (minimaal acht stuks) aangevlogen om te landen in de bomen vlakbij ons! We konden langere tijd van ze genieten en omdat er ook een paar 'gewone' Kruisbekken in het groepje zaten, konden we aardig vergelijken. Zo, die zaten rotsvast in de pocket en we slaakten een zucht van verlichting, want voor hetzelfde geld loop je het hele weekend achter zo'n soort aan.
Maar nu konden we rustig gaan uithijgen aan zee, aan de Westerslag. Daar was het ook weer erg leuk. Er vlogen veel Alk/Zeekoeten, en een of twee ervan landden even dichtbij op het water en lieten zien dat ze Zeekoeten waren, een jaarsoort voor ons allemaal.
Zwarte Zee-eenden, Roodkeelduikers, Jan-van-Genten en Drieteenstrandlopers lieten zich zien, allemaal soorten die binnenlandbewoners als ik niet al te vaak te zien krijgen, dus dat was genieten.
De Hop.
Toen we na een tijdje weer naar de bewoonde wereld reden en ik weer bereik had op mijn telefoon, bleek de Hop ter plaatse te zijn gemeld op de camping Sluftervallei. Dus plankgas erop af! Er waren erg veel vogelaars aan het zoeken, en het leek ons dat dat het vinden van zo'n gluiperd als de Hop toch drastisch moest vereenvoudigen. Dat klopte ook, want na een tijdje vruchteloos zoeken zag Koert ineens een staartloze schim over ons heen vliegen en vrijwel tegelijkertijd werd de Hop vlakbij ons gemeld. (Deze Hop heeft op de een of andere wijze zijn staart verloren tijdens zijn verblijf op het eiland - vandaar staartloos). Niet veel later hadden we hem dan in de kijker, eerst een paar keer overvliegend, toen heel even aan de grond. Waarna het beest weer spoorloos verdween zonder ons de zo gewenste foto's te gunnen.
Maar niet getreurd: de Hop zat in de tas en de melding van een Kleine Bonte Specht vlakbij de plek waar wij stonden leverde ons een fraaie Kleine Barmsijs op en Koert en René bovendien een overvliegend Smelleken.
Maar we moesten verderop, want er werd een vrouwtje Casarca gemeld bij de Redoute en die was nog een jaarsoort voor ons allemaal. Hopla, naar de auto, terug naar het zuiden en jawel: daar zat de Casarca in een groepje Nijlganzen.
De Rosse Franjepoot van Ottersaat.
We reden terug naar het noorden via de oostkant van het eiland, en zagen bij Ottersaat een heleboel vogelaars staan. René zag onmiddellijk een franjepootje zwemmen en in eerste instantie gingen we ervan uit dat het de Grauwe Franje van Dijkmanshuizen wel zou zijn. Wel vond ik meteen de bovendelen erg egaal grijs. Maar het alarmbelletje ging pas echt rinkelen toen een kritischer vogelaar dan wij op de app opmerkte dat het een Rosse Franjepoot betrof! En dat klopte natuurlijk. Wat leuk, want ik had deze soort al heel veel jaren niet meer gezien. En hij wilde nog aardig op de foto ook.
Er werd een Wilde Zwaan gemeld vlakbij Dorpszicht en die was voor Koert en René nog een jaarsoort. De vogel zat er, maar er was een jagende Slechtvalk voor nodig om hem de kop uit de veren te doen steken.
Nu werd de Hop gemeld in de tuintjes, ter plekke op het pad, dus moesten we daar als een speer op af. En ja hoor, na een flinke wandeling zagen we de Hop achterin de tuintjes op het pad zitten, maar het beest vloog vrijwel onmiddellijk op toen wij arriveerden en vloog met een boog om ons heen om naar het noorden te verdwijnen.
Gelukkig kwam het toch nog goed, want tijdens de wandeling terug zat -ie ineens vlak voor ons op het pad. En we hadden de zon - die inmiddels tevoorschijn was gekomen - ook nog in de rug. Dat leverde gelukkig een paar leuke plaatjes op, en nu pas konden we helemaal tevreden zijn met onze Hopwaarnemingen.
Ons laatste wapenfeit van deze dag was het scoren van een prachtige Bladkoning bij Dorpszicht, die samen met een Tjiftjaf in een grote takkenbos huisde en daar af en toe even uit kwam, of zijn roep liet horen.

15-10-2017
Geschubde Inktzwammen.
Vandaag kwam dan eindelijk het mooie, zonnige, rustige weer dat ons was beloofd. We begonnen in de tuintjes, in de hoop wat leuke overtrekkende vogels te scoren. De IJsgors bijvoorbeeld, of een Grote Pieper. Maar hoewel er wel wat trek was, hadden we na een  halfuurtje nog weinig succes, en toen er een groepje Strandleeuweriken ter plekke werd gemeld ten noorden van de Sluftervallei, besloten we daar langs het fietspad heen te lopen. Dat bleek nog een forse wandeling te zijn, maar een overvliegende IJsgors hield de moed erin. Toen er echter een Sperwergrasmus werd gemeld langs de Stengweg, wisten we niet hoe snel we terug moesten lopen. Jammer genoeg was de grasmus alweer onvindbaar toen wij aankwamen, en toen er even later een bij de vuurtoren werd gemeld was ook die alweer gevlogen toen wij er aankwamen. Later op de dag gingen we zelfs nog op een derde melding af, maar die bleek een Tuinfluiter te betreffen.
Anyway, er werd een Strandleeuwerik gemeld op een duintop langs het fietspad dat we net hadden afgelopen, en toen we daar arriveerden leek de situatie ook hier tamelijk hopeloos: geen waarnemer en veel duintoppen. Maar zie: na even speuren zag ik hem ineens open en bloot op een zanderig stukje zitten, inderdaad net onder een duintop! Wat heerlijk, want de vogel liet zich heel mooi zien en hij behoedde ons voor een lange voettocht naar dat andere groepje.
De Hop werd weer gemeld in de tuintjes, maar die bleek alweer helemaal achterin te zitten toen wij aankwamen. Vanuit de verte zagen we hem zitten, en al snel weer wegvliegen. Die wandeling bespaarden we ons dus maar.
Rosse Franjepoot.
Intussen werd de spoeling der vogels dun. Het meeste leuke soorten hadden we te pakken en er werd weinig nieuws gemeld. We gingen nog even kijken bij het uitkijkpunt van de Slufter, waar twee Kleine Zilverreigers en wat Pijlstaarten de lijst kwamen opvrolijken.
Daarna besloten we een tijdje rust te nemen op de hotelkamer. Overigens zaten we deze keer in het hotel bij het vliegveldje en niet in ons vertrouwde Molenbos.
Rond halfdrie ging de app weer af voor de Sperwergrasmus die een Tuinfluiter bleek te zijn, en het speet ons niet dat we vanwege de melding van een IJsduiker in zomerkleed bij de IJzeren Kaap de gigantische drukte op de noordpunt achter ons konden laten.
En ja, de IJsduiker zat er en liet zich, weliswaar van een afstandje, heel mooi en langdurig zien! Een heerlijke jaarsoort. Er zwommen ook nog twee Geoorde Futen rond en enkele Eiders vlogen voorbij.
Toen werd er een Zwarte Rotgans gemeld tegenover Dorpszicht en moesten we weer rapido naar het noorden. Ik kon de Zwarte nog scoren in de scoop van een vogelaar die al ter plekke was, maar daarna konden we hem niet meer vinden, en toen er ook nog de melding van een Vaal Stormvogeltje ter plekke overheen kwam op de plek van de IJsduiker ontstond er lichte paniek. Hopla, in de auto maar weer en terug naar de IJzeren Kaap. Daar werd het stormvogeltje nog kort gezien, maar niet door ons. Na een tijd wachten werd hij echter 600 meter verderop langs de dijk gemeld, dus haastten we ons daarheen en daar konden Koert en René het gluiperdje nog binnentikken voordat hij definitief verdween. Helaas zag ik helemaal niets.
Terug naar de rotgans dus, en na een tijdje speuren had ik hem met behulp van René z'n telescoop gevonden en kwam alles toch nog goed.
Tot slot nog even genieten van de Bladkoning van Dorpszicht, een Tjif, veel Goudhaantjes en een groepje Staartmezen en toen was ook dag drie alweer om.

16-10-2017
Nog maar een keer die fijne Sneeuwgors.
De laatste dag van ons verblijf was alweer aangebroken, en het was vandaag prachtig weer: veel zon en weinig wind uit het zuidoosten. Bij gebrek aan meldingen - en omdat we het altijd leuk vinden - begonnen we de dag bij de Westerslag. Nog even lekker over zee kijken. Langs de Bakkenweg liep er ineens een prachtig mannetje Goudfazant langs de weg, een escape natuurlijk, maar wel een schitterende vogel.
Aan zee was er weer genoeg te beleven. Ik telde minstens 200 Alk/Zeekoeten en 100 Zwarte Zee-eenden naar zuid en diverse Roodkeelduikers. Er kwam een fraaie Grote Jager langs gevlogen en een tweede jager was een Kleine of een Middelste, maar daar kwamen we niet echt uit. Er kwam nog een mooie adulte Jan-van-Gent langs, een mannetje Eider vloog naar het noorden en enkele Drieteenstrandlopers waren ter plaatse.
Ten slotte reden we nog naar De Cocksdorp omdat er een Siberische Boompieper zou zijn ingevallen achter de kerk, maar ter plaatse bleek dat onbegonnen werk en zagen we enkel moedeloze vogelaars afdruipen.
Dus werd het de boot, zodat we eens lekker bijtijds thuis zouden zijn. We waren dik tevreden. Het was weer een heerlijk, gezellig, vogelrijk weekend geweest.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen