woensdag 17 mei 2017

15 t/m 17-05-2017: Lekker vogelen op de Hoge Veluwe.

Het Groentje, een van onze wenssoorten.
Het was al meer dan een jaar geleden dat Cilja en ik er samen even tussenuit waren geweest, dus toen het weer mooi leek te worden vorige week, boekten we snel Hotel Buitenlust in Hoenderloo voor twee nachten. Dit hotel is fraai gelegen en de ingang van het Nationaal Park is slechts een paar honderd meter verderop.
Maandag de 15e vertrokken we na de spits en waren rond half elf bij de ingang Schaarsbergen. Bij de eerste stop had ik meteen een jaarsoort te pakken: een Grauwe Vliegenvanger zat te zingen (nou ja, zingen kun je die piepjes amper noemen) en liet zich fraai zien. We maakten een korte wandeling waarbij we direct meerdere Bonte Vliegenvangers hoorden zingen, en ook diverse Boompiepers. Een Appelvink riep vanuit een bebladerde boomtop.
Boompieper in de Landschapstuin.
We zagen een klein vlindertje vliegen. Het diertje was erg rusteloos, maar we konden zien dat het een Groentje was, een van onze wenssoorten. Even later, bij Oud Reemst, zagen we er nog twee, en die lieten zich beter zien en zelfs fotograferen. We zagen ook onze eerste Hooibeestjes van het jaar, altijd leuk, en natuurlijk ontbrak de Gewone Heispanner niet.
We reden naar Oud Reemst, waar we behalve de Groentjes een krekel hoorden zingen vanaf het veld. En jawel, deze keer was het eindelijk eens nìet de Bos-, maar de Veldkrekel, een totaal nieuwe soort voor ons. Daar waren we bijzonder blij mee!
We reden verder en stopten af en toe om te luisteren en te kijken. Ter hoogte van het Pampelsche Zand hoorde ik mijn eerste Raaf van het jaar roepen. Deze fijne soort zou nog diverse malen fraai in de kijker komen ook, de komende dagen.
Maanwaterjuffer bij het plasje in de Landschapstuin.
Na een bak koffie in het restaurantje in het Centrum, liepen we de Landschapstuin in. Hier bevindt zich een plasje waar altijd veel libellen en juffers zitten. Ernaartoe lopend kwamen we al Citroenvlinder, Kleine Vuurvlinder en Klein Geaderd Witje tegen, en eenmaal bij het plasje was de eerste juffer die ik fotografeerde een Maanwaterjuffer. Leuk! Er zaten er heel wat vandaag. Ik had nog geen enkele libel dit jaar, dus dat werd even flink scoren. Zo vond ik Watersnuffel, Bruine Winterjuffer, Vuurjuffer, Smaragdlibel en Viervlek. Ze gingen allemaal op de foto bovendien. Intussen vloog er een fraaie Raaf over, evenals twee Kruisbekken, die weer een jaarsoort waren. Voor een roepende Havik gold hetzelfde en een zingende Boompieper liet zich gewillig fotograferen.
Viervlek.
Een paar Boomblauwtjes meldden zich nog voor de vlinder-vakantielijst en toen reden we langzaamaan richting Hoenderloo. We stopten nog even bij De Bunt en vermaakten ons daar met een paar Pimpelmezen die een nest in een holletje hadden en af en aan vlogen met voedsel voor de jongen.
Toen was het tijd om te gaan inchecken en op het heerlijke terras van Hotel Buitenlust een paar koude drankjes tot ons te nemen. Vanaf het terras hoorden we enkele malen een Zwarte Specht roepen en 's avonds, tijdens het eten en daarna op het terras, zagen we de hele tijd een paar Rosse Woelmuizen rondlopen. Ze stalen de show door heel dichtbij ons te komen, door een smalle kier van een schutting te kruipen en zich frequent te laten zien. Ze waren tevens het grootste en enige wild dat we zagen deze dagen.
Mannetje Geelgors.
Op dinsdag de 16e mei liep ik al om halfzes buiten om de bossen rond het hotel te verkennen. Dat viel licht tegen. Een paar Bonte Vliegenvangers, een roepende Appelvink en een idem Goudvink waren de hoogtepunten.
Na het ontbijt vertrokken we weer naar de Hoge Veluwe. We namen de ingang Hoenderloo en bij de eerste stop riepen er in de verte alweer Raven. Het was nu zoeken naar nog resterende jaarsoorten en de eerste vonden we in de omgeving van Fazantentuin: een luid zingende Zwarte Mees. Daarna reden we naar het Otterlosche Zand, een prachtig gebied waar we diverse Geelgorzen vonden (een jaarsoort) en waar een Boomleeuwerik en massa's Veldleeuweriken zongen.
Hebbes! Bruine Winterjuffers in love.
Het was tijd voor een bezoek aan het jachtslot Sint-Hubertus, of om preciezer te zijn: het beeld 'De Raadsman' van Mendes da Costa. Een plek waar wij nogal wat (mooie) herinneringen hebben liggen. We zaten er een tijdje en keken naar een paartje Boomklever, dat een nestje had in een holte van een boom. De oudervogels vlogen af en aan met voer en een paar keer zagen we dat ze de poepjes van de jonge vogels mee naar buiten namen. Op de achtergrond zong constant een Vuurgoudhaan.
We besloten ons bezoek met een kop cappucino bij het koffietentje van het jachtslot en reden maar weer eens naar Oud Reemst, waar we in het verleden wel Edelherten of Moeflons zagen, maar nu helemaal niets. Behalve dan een Kleine Vuurvlinder en Hooibeestjes en massa's zingende Veldleeuweriken.
Vuurjuffer.
Intussen hadden we nabij het jachtslot een poeltje ontdekt dat ons ook erg geschikt leek voor libellen. Dus toen het 's middags echt aangenaam werd qua temperatuur gingen we er weer kijken. Ik kon er een tijdje heerlijk fotograferen en voegde nog de Azuurwaterjuffer aan mijn libellenjaarlijst toe. Het fotograferen van de Smaragdlibel was de grootste uitdaging, want die beesten zitten nooit stil. Maar uiteindelijk kon ik nog een redelijk plaatje maken toen er eentje even stil bleef hangen boven het water.
Er vloog nog een Raaf over, en 's avonds op het terras hoorden we in de verte weer de Zwarte Specht roepen.
Op woensdag de 17e bleef ik lekker uitslapen en vertrokken we 's morgens alweer naar huis. Maar het waren een paar heerlijke en productieve dagen geweest!
Azuurwaterjuffer.
Maanwaterjuffer.
Watersnuffel.
Smaragdlibel.
Libellenplasje nabij Sint-Hubertus.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen