zondag 27 augustus 2017

27-08-2017: Nog een dagje achter de vlinders en libellen aan.

Een gloednieuwe libellensoort voor mij: de Kempense Heidelibel! Helaas was het diertje ietwat gehandicapt.
Vandaag stond er een dagje 'naturen' met Chris en Wiegert op het programma, en aangezien het schitterend weer beloofde te worden, zouden de vlinders en libellen een hoofdrol in het dagprogamma gaan vervullen. Het was dit jaar mijn streven om van beide soortgroepen 40 soorten in Nederland te zien. Dat had ik bijna gehaald, en het was alleen aan mijn blessure te wijten dat ik die veertig soorten al niet lang binnen had. Maar goed, vandaag was er alle kans toe.
Maar we gingen eerst achter een vogel aan: de Ralreiger die al een tijdje bij Eemnes huist. Ik kan er kort over zijn: we vonden hem niet. En toen het halftien was geweest werd het de hoogste tijd om aan ons insectenprogramma te gaan werken.
De Steenrode Heidelibel was enorm talrijk vandaag in De Schammer.
Op dus naar De Schammer bij Leusden, een gebiedje waar ieder jaar enkele Kempense Heidelibellen worden gezien, en dat zou nog een gloednieuwe soort voor me zijn. Afgezien daarvan worden er ook Zwervende - en Bandheidelibellen gezien en Tengere Grasjuffers. Omdat mijn libellenlijst op 39 stond, was er dus dikke kans om de gewenste 40 te halen, zo niet te overschrijden.
Maar het viel nog niet mee. Eindeloos gezoek in de lage begroeiing leverde wel de 'gewone' heidelibellen op, waaronder erg veel Steenrode, maar niet de bijzondere. Tot ik een fluitje hoorde en Chris en Wiegert me van grote afstand wenkten. Chris had een Kempense Heidelibel gevonden! Het diertje was licht gehandicapt, want had een verbogen achterlijf. Maar hij bleef mooi zitten, zodat ik ook ruimschoots van hem kon genieten. Mijn 40e libellensoort voor 2017 was binnen!
Zwervende Heidelibel.
Natuurlijk wilden we ook graag een ongehavend exemplaar vinden, dus we zochten door. Na opnieuw een lange tijd, belde Wiegert dat hij een veelbelovend stukje had gevonden met wat water. Dit bleek uiteindelijk het goede gebied te zijn... Wiegert vond snel een Zwervende Heidelibel, maar intensief zoeken leverde ook hier verder geen bijzonderheden op. Uiteindelijk gaven we het op, want er stond nog meer op het programma.
Na twee mislukte pogingen kwamen we uiteindelijk in het juiste Bandheidelibellengebied bij Stoutenburg terecht, en dat was meteen genieten. Enkele tientallen Bandheidelibellen lieten zich zien en fotograferen. Genieten geblazen!
Bandheidelibel.
Intussen was er al heel wat tijd verstreken en werd het de hoogste tijd voor het Kootwijkerzand. Hier wachtten, als het goed was, de Kleine Heivlinder en de Kommavlinder op ons om mijn 40 soorten vol te maken (want ik had er al 38).
Na een tijdje zwerven over de uitgestrekte zand- en mosvlakten zag ik ineens iets zitten waarvan ik dacht dat het weleens een Kleine Heivlinder kon zijn. En ik had het goed, want toen ik dichterbij kwam vloog het 'dingetje' op en ging achter een tweede Kleine Heivlinder aan! Gelukkig kwam het diertje weer terug op z'n ouwe stek en konden we er gedrieën ruimschoots van genieten. Zo, dat was nummer 39. Nog één te gaan.
De bloedzeldzame Kleine Heivlinder.
Dat moest de Kommavlinder worden, die ik tevoren als vrij makkelijk had ingeschat. Een dure vergissing. Speuren door uitgestrekte heidevelden leverden veel Hooibeestjes, Heivlinders en nog een paar andere soorten op, maar alleen Wiegert had tot tweemaal toe het geluk een Kommavlinder te zien. Beide keren was de vlinder gevlogen toen ik arriveerde. Het was jammer, maar nummer 40 zou er niet uitkomen vandaag. Om half vijf gingen we richting huis. Het was weer een heerlijk dagje in de natuur geweest.
Bloeiende heide op het Kootwijkerzand.

vrijdag 25 augustus 2017

25-08-2017: De najaarstrek is begonnen, maar Gierzwaluwen broeden nog in Leerdam.

Twee Wespendieven vlogen vandaag over ons huis. Bij de 2e had ik gelukkig het fototoestel paraat.
De maand augustus is voor mij grotendeels verloren gegaan. Een combinatie van lichamelijke klachten en prutweer waren funest voor mijn vogel-, vlinder- en libellenactiviteiten. Maar dat is nu achter de rug! Het is al een paar dagen mooi weer, de najaarstrek is alweer begonnen en vanaf ons dakterras speur ik dan naar leuke soorten. Vandaag werd dat beloond met de waarneming van twee naar zuid vliegende Wespendieven, en gelukkig had ik bij nummer twee mijn fototoestel bij de hand. De Wespendief was nog een jaarsoort, en een fraaie!
Er zijn nog een paar nieuwtjes te melden. Sinds enkele dagen hebben we een Cetti's Zanger. Dat wil zeggen: een vogel van die soort zit aan de overkant van de Linge (de Asperense kant) te zingen en laat zich vanaf ons dakterras prima horen.
Nog leuker: een paar Gierzwaluwen zit as we speak nog onder onze dakpannen met jongen! Dat is verdraaid laat voor Gierzwaluwen, waarvan de meeste eind juli al zuidwaarts trekken. Regelmatig komt een van de ouders bij het nest, dat helemaal bovenaan in de nok zit, en dan hoor ik de jongen bedelen. Even later gaat pa of moe dan weer op insectenjacht. Ik ben benieuwd hoe lang ze hier nog blijven!
Verder liet de Steenrode Heidelibel zich weer lekker fotograferen gisteren. Hieronder een van de plaatjes. Wat zijn het toch heerlijke fotomodellen!
Steenrode Heidelibel, frontaaltje.

maandag 31 juli 2017

31-07-2017: Verkenning van de ecologische zone Broekgraaf, Leerdam.

Paardenbijter.
Ik besloot om vandaag eens een nieuw gebiedje te gaan verkennen. Bij de aanleg van de woonwijk Broekgraaf in Leerdam is een ecologische zone aangelegd ter compensatie van het verlies aan natuur. Die zone bestaat uit een serie ondiepe plasjes met weelderige plantengroei eromheen die aansluit op het bosje dat er iets noordelijk van ligt. Het gebiedje dient onder meer om Heikikker, Rugstreeppad en Kleine Modderkruiper een thuis te bieden. Maar ik redeneerde dat zo'n nieuw gebiedje ook wellicht leuke libellensoorten en misschien wel pioniers zoals Zwervende Heidelibel en Tengere Grasjuffer zou aantrekken.
Kleine Vos.
Nou, die vond ik dus niet, maar het is pas eind juli en beide soorten zijn echte augustussoorten, dus ik hou hoop. Wat ik wel aantrof was in ieder geval al niet gek: een ruime selectie van meer algemene vlinder- en libellensoorten, waaronder ook een Argusvlinder, veel Bonte Zandoogjes, alledrie de gewone witjes, Distelvlinder, Kleine Vos en Landkaartje. Qua libellen waren Lantaarntje en Gewone Oeverlibel de algemeenste, maar ook Grote Keizerlibel, Paardenbijter, Watersnuffel, Steenrode Heidelibel, Houtpantserjuffer, Bruine Glazenmaker en Kleine Roodoogjuffer waren van de partij. Het was, kortom, bepaald niet vervelend om er rond te struinen. Iets wat ik de komende tijd vaker ga doen, want wie weet wat er opduikt.
Een nogal flets uitgevallen Steenrode Heidelibel.
Distelvlinder die al een en ander heeft meegemaakt.

zaterdag 22 juli 2017

22-07-2017: Jaarsoorten dicht bij huis (deel 2)

Blauwe Breedscheenjuffer langs de Nieuwe Zuiderlingedijk. Voor 't eerst dat ik hem daar zag.
Aangezien het fietsen blijkbaar een positieve uitwerking heeft op mijn rug- en beenprobleempje, ben ik de afgelopen drie dagen de Nieuwe Zuiderlingedijk afgereden op zoek naar leuke -, en misschien zelfs jaarsoorten in de eigen streek.
Het viel niet tegen. Op 20-07 was ik nog niet Leerdam uit of ik had al een vrouw Blauwe Glazenmaker te pakken, die typisch laag, rustig en in de halfschaduw patrouilleerde op de grens van een tuin en een stuk rietland met bomen. Dat was libellensoort 39 alweer!
Ook een Argusvlinder liet zich - nog steeds in Leerdam - zien. Ik fietste tot aan het bankje bij Vogelswerf en keek daar een tijdje naar de Zwarte Sterns. Er vloog ook een Ooievaar over en een Groene Specht riep. Op de terugweg nog wat plantjes voor de jaarlijst gezien, waaronder het vrij zeldzame Bont Kroonkruid en een plukje Korenbloemen, waarbij ook nog drie Icarusblauwtjes rondvlogen.
Steenrode Heidelibel.
Op 21-07 fietste ik weer hetzelfde rondje. Nu kwam ik de Argusvlinder pas langs de Nieuwe Zuiderlingedijk tegen. Ik vond een stukje met wat rolklaver en daar vond ik direct minimaal twaalf Icarusblauwtjes. Vanaf het bankje bij Vogelswerf zag ik de Zwarte Sterns weer, een Purperreiger en een Ooievaar vlogen over en een Boomvalk liet zich langdurig cirkelend zien.
Daarna ging ik een tijdje op het bankje beneden aan de dijk zitten, waar ik onmiddellijk weer drie Icarusjes had, en ook een Bruine Daguil, een leuke nachtvlinder. Toen ik een stukje liep daar hoorde ik ineens een Zomertortel zingen! En jawel, dat was toch weer min of meer op dezelfde plek als ik hem wel vaker heb, alleen vanaf de andere kant.
Ik was al helemaal tevreden, maar toch speurde ik op de terugweg al fietsend de dijk af in de hoop op een Oranje Luzernevlinder, die ik hier wel vaker heb gezien. En jawel, vlak voor de kruising met de autoweg vloog een fraai mannetje Oranje Luzernevlinder rond! Dat was dagvlinder nummer 38. Voor zowel vlinders als libellen nader ik mijn doel (40 soorten) dus erg dicht.
Grote Roodoogjuffer, zoals je ze vaak ziet.
Vandaag, 22-07, fietste ik opnieuw de Nieuwe Zuiderlingedijk af. Toen was er al een IJsvogel over ons dakterras gevlogen, een leuk begin van de dag dus. Er stond vandaag wat meer wind, en helaas stond die pal op de hoek waar gisteren de luzernevlinder zat, waardoor mijn hoop hem vandaag te kunnen fotograferen snel vervloog.
De leukste vondst van de dag was een mannetje Blauwe Breedscheenjuffer bij het bankje onderaan de dijk. Dit is een soort die ik hier in de streek nog niet eerder had gevonden. Het beestje liet zich mooi fotograferen bovendien. Verder weer een Argusvlinder, een Kleine Vuurvlinder, een Bruine Glazenmaker en de soorten die ik gisteren en eergisteren ook had. Wel erg leuk om te vermelden is nog het Dodaarsje dat ik op een plasje zag met twee piepkleine pulletjes.
Kleine Vuurvlinder.

dinsdag 18 juli 2017

18-07-2017: Jaarsoorten (noodgedwongen) dicht bij huis.

Mijn eerste Houtpantserjuffer van 2017.
Twee weken geleden had ik een topweek qua binnengehaalde soorten, maar ik hield aan al het lopen ook een zeer vervelende rugpijn met uitstraling naar mijn rechterbeen over, zodat ik al ruim een week niet erg mobiel ben. Gelukkig levert relaxed buiten op ons dakterras zitten ook het een en ander op. Zoals de eerste Steenrode Heidelibellen van het jaar, die traditiegetrouw hun posities op stokken en hoge planten weer hebben ingenomen op ons dakterras. En de Paardenbijter, die vandaag, net als precies een jaar geleden, even door de openstaande schuifdeur de galerie binnen vloog. Dat waren twee libellenjaarsoorten, waarmee de stand gelijk kwam met die van de vlinders: 37.
Steenrode Heidelibel.
Qua vlinders hadden we bezoek van een fotogeniek mannetje Icarusblauwtje, en dat gebeurt niet al teveel. Ook op het vogelfront heb ik zowaar nog gescoord, namelijk een Boomvalk die korte tijd jagend boven de haven van Leerdam vloog.
Vandaag ging het dan wel weer zo redelijk, dat ik even wilde proberen er op uit te gaan. Vlakbij huis, dat wel. Ik koos voor de Donkere Kade, een zijpaadje van de Diefdijk, waar ik in het verleden vaak Houtpantserjuffers zag. En dat was nog een jaarsoort, begrijp je. En gelukkig, ook al was het lopen nog steeds tamelijk pijnlijk, ik vond wel libellensoort nummertje 38 van het jaar: de Houtpantserjuffer! Ik had toen al een stukkie gelopen en toen hij eenmaal in de tas zat, vond ik het welletjes en ging huiswaarts.
Icarusblauwtje op ons dakterras.

maandag 10 juli 2017

09-07-2017: Groot Avondrood!

Het Groot Avondrood vond mijn hand wel een fijne plek.
De laatste tijd ben ik veel het land in geweest om leuke vlinder- en libellensoorten te scoren, maar ook thuis kun je nog gewoon verrast worden door een nieuwe soort! Gisteravond wilde ik de schuifdeuren van de galerie naar ons dakterras dicht doen, toen ik gefladder hoorde. Er vloog een grote nachtvlinder door de galerie, zo te zien een pijlstaart! Dat zijn altijd spectaculaire beestjes, dus ik pakte mijn netje en slaagde er met enige moeite in om hem erin te krijgen. Het was een Groot Avondrood, een gloednieuwe nachtvlindersoort voor mij! Ik riep Cilja, die mijn fototoestel meenam en na een paar foto's in het netje wilde ik hem buiten vrij laten. Maar het Groot Avondrood was er nog niet helemaal klaar voor en wilde graag nog even poseren op mijn hand. En dat werden natuurlijk de leukste plaatjes.
Saillant detail was dat Cilja ooit een glasobject heeft gemaakt dat 'Klein Avondrood' heette omdat het op die vlinder was gebaseerd. Dit object is, na vele jaren bij ons in de galerie te hebben gestaan, toevallig eergisteren door een koper opgehaald. Het is vast een of ander teken. Een goed teken, besloten we.
Nog even poseren voordat hij weer in de nacht verdween.
... en het bovenkantje.

vrijdag 7 juli 2017

07-07-2017: Nieuwe soorten bij de vleet in de Weerribben.

Mannetje Grote Vuurvlinder.
Al vroeg in het jaar hadden Wiegert en ik ons tot doel gesteld om in 2017 eindelijk de Grote Vuurvlinder te gaan opzoeken in de Weerribben. Prettige bijkomstigheid was, dat er ook nog wat gloednieuwe libellensoorten te scoren waren. Het beloofde dus een mooi dagje te worden, als alles zou meezitten tenminste.
Vandaag was het zo ver. Om kwart voor acht vertrokken we uit Leerdam en een kleine twee uur later arriveerden we op een plek waar altijd veel Grote Vuurvlinders huizen. We parkeerden de auto en achter het parkeerterreintje was meteen een fraai libellengebied waar we even rondkeken. De Gevlekte Witsnuitlibel was er aanwezig en liet zich fotograferen. Ook zagen we onze eerste Vuurlibellen van de dag.
Gevlekte Witsnuitlibel.
We liepen een eindje langs het weggetje en een kwartiertje later vond ik de eerste Grote Vuurvlinder, een fraai mannetje! Het diertje liet zich langdurig bekijken en gewillig fotograferen. Zo, die zat in de tas! We vonden er op hetzelfde stukje nog minstens twee, nog een mannetje en ten minste één vrouwtje, maar misschien waren het er ook wel vier of vijf. In ieder geval zagen we er op een zeker moment drie tegelijk vliegen.
Vuurlibel.
In de tussentijd nam ik ook nog mijn eerste Bruine Glazenmaker van het jaar waar en vlogen er een paar algemene vlinder- en libellensoorten voorbij. Na ruimschoots de tijd te hebben genomen voor de fantastische vuurvlinders, besloten we naar het Woldlakebos te gaan. Maar niet voordat we even het geluid van de Gouden Sprinkhaan afluisterden om te horen hoe dat ook alweer klonk, want we wisten dat die soort hier voorkomt. En verdraaid, er zat vlakbij ons een Gouden Sprinkhaan te zingen! Later, in het bos, zagen we zowel mannetje als vrouwtje Gouden Sprinkhaan, en beide gingen op de foto.
Vrouwtje Gouden Sprinkhaan krabt zich achter de oren.
Dit leuke beestje was nog een nieuwe Nederlandse soort voor mij.
Nu was het tijd voor de libellen. We checkten nog even het gebiedje achter het parkeerplaatsje en fotografeerden er een oud mannetje Bruine Korenbout, een soort die zeer algemeen was. Ook een Vuurlibel liet zich fotograferen, maar alleen door mij.
Bruine Korenbout.
Daarna reden we naar het bos en het duurde niet lang voor de eerste Gevlekte Glanslibel zich liet zien. Bij de eerste twijfelde ik nog een heel klein beetje, want die dingen zitten nooit stil, maar de tweede kwam zo dichtbij dat hij onmiskenbaar was. Leuke beesten zijn het, want ze zijn erg nieuwsgierig en als je stil blijft staan komen ze steeds even vlakbij je stil hangen in de lucht om te zien wat voor een raar wezen zich nu weer in hun territorium heeft begeven. Met mijn toestel was het onmogelijk om een foto te maken van de Gevlekte, maar Wiegert slaagde er wel in.
Groene Glazenmaker.
Mijn tweede gloednieuwe libellensoort liet niet lang op zich wachten en was heel wat coöperatiever qua fotografie: de Groene Glazenmaker. We zagen er maar een, maar die werkte wel volledig mee. Hij liet zich vliegend zien en hangend aan een blad, waar hij zich ook liet fotograferen.
Ik vergeet trouwens helemaal de vele Gewone Pantserjuffers te vermelden, die nog een libellenjaarsoort waren en die we om de haverklap in het riet zagen hangen. Na een flinke wandeling besloten we terug naar de auto te lopen, omdat het warm was en we zo'n beetje alles hadden gezien waarop we hadden gehoopt. Als toegift kwamen we nog een Zwarte Heidelibel tegen, een leuke libellenjaarsoort.
Zwarte Heidelibel.
Het was opnieuw een heerlijke dag geweest, met voor mij een nieuwe vlindersoort voor Nederland (de Grote Vuurvlinder), twee nieuwe libellensoorten (Groene Glazenmaker en Gevlekte Glanslibel) en een nieuwe sprinkhaansoort voor Nederland (de Gouden Sprinkhaan). Ik heb weleens beroerdere dagen gehad...
Grote Vuurvlinder.

woensdag 5 juli 2017

05-07-2017: Massa's Keizersmantels!

Mannetje Keizersmantel.
Al een paar dagen zag ik op waarneming.nl dat de AW duinen zo'n beetje vol zitten met Keizersmantels. Nog maar enkele jaren geleden was er sprake van hervestiging en was je al blij dat je er een of twee tegenkwam. Nu werd er melding gemaakt van twintig of meer op één plek, en dat door het hele duingebied. Nu moest ik toch nog een paar andere soorten uit de duinen hebben, met name de Duinparelmoervlinder en de Heivlinder, dus vanmorgen vroeg vertrok ik per trein naar Hillegom, waar - o wee - de OV-fietsen op waren. Shit. Dat werd lopen naar de ingang Panneland.
Blauwvleugelsprinkhaan.
Toen ik een uurtje later arriveerde bij de ingang Panneland was het leed echter snel vergeten. Op het parkeerterrein vlogen een stuk of acht Keizersmantels rond en foerageerden op de distels daar. Ook zaten er fotogenieke Bruin Zandoogjes en Groot Dikkopjes, zodat ik er uiteraard een tijdje bleef rondhangen. Daarna de duinen in, naar een plek waar al twee dagen achter elkaar grote hoeveelheden Keizersmantels, maar ook een Duinparelmoervlinder waren gezien. En die stond hoog op mijn verlanglijst. Het is een soort die ik nog maar tweemaal in Nederland heb gezien en het is me nog niet gelukt om hem op de foto te krijgen.
Bruin Zandoogje.
Ik checkte een eik en had onmiddellijk twee Eikenpages te pakken! Ik zocht in de omgeving van de kanalen kort naar de Heivlinder, maar die liet zich niet zien. Wel kon ik een mooie Blauwvleugelsprinkhaan fotograferen. Een stukje verder stuitte ik op een zeer klein, nerveus vlindertje: een Bruin Blauwtje, een van de soorten die ik nodig had! Intussen vond ik al lopende minstens drie of vier Zuidelijke Keizerlibellen, maar traditiegetrouw wilden ze niet poseren. Wel erg leuk dat ze het zo goed doen in de AW duinen!
Groot Dikkopje.
In de omgeving van het Vogeleiland vond ik een plek met Jacobskruiskruid, waar wederom een stuk of zeven Keizersmantels op foerageerden. Ik bleef er een tijdje hangen in de hoop hier ook een Duinparelmoer te vinden, maar dat lukte niet. Toen ik terugliep zag ik een stukje van het pad een flink veld met Jacobskruiskruid en ik besloot het te inspecteren. Ik wist niet wat ik zag. Een compleet surrealistisch beeld van massa's Keizersmantels, ik schat zo'n 150, ontvouwde zich voor mijn ogen. Totaal waanzinnig! Er liepen nog drie andere vlinderaars, en die wisten me te vertellen dat er ook een Duinparelmoer tussen zat. Nou, dat viel niet mee, maar uiteindelijk vond ik hem en zag ik de zenuwpees - want dat was het - twee maal kort op een bloem zitten. Van foto's kwam wederom niets. Maar ik had hem!
Nieuwe Keizersmantels in de maak!
Verbijsterd keken we naar de vele Keizersmantels. We vonden een paar keer een parend stel en intussen vloog een Zuidelijke Keizerlibel rond en trok de Duinparelmoervlinder zijn baantjes boven de bloemenzee. In een boom zat nog een Eikenpage en er waren ook nogal wat Harkwespen te zien, ook leuk natuurlijk.
Na een tijd genieten besloot ik rustig aan terug te lopen, want mijn voeten deden zo onderhand flink pijn en ik moest nog een stukkie - helemaal terug naar het station. Ik had geen fut meer om nog achter de Heivlinder aan te gaan, maar dat kwam helemaal goed, want de Heivlinder zocht mij op en poseerde even kort op een boomstam, net lang genoeg voor een foto.
Heivlinder.
Met vier vlinderjaarsoorten op zak liep ik de lange weg terug naar het station. Het was heerlijk toen ik eindelijk kon gaan zitten in de trein. Maar het was de moeite meer dan waard.

dinsdag 4 juli 2017

04-07-2017: Kampina revisited.

De Metaalvlinder was een nieuwe nachtvlindersoort voor mij.
Vandaag besloot ik de Kampina nog een keer te bezoeken, vooral om de Grote Weerschijnvlinder te vinden, maar ook Oranje Zandoogje, Eikenpage en nog een paar dagvlindersoorten plus een aantal libellensoorten stonden nog op mijn wensenlijst. Dit jaar probeer ik van beide soortgroepen minimaal 40 soorten in Nederland te zien, dus er moet flink aangepoot worden.
Om een uur of halftien parkeerde ik mijn OV-fiets aan de rand van het heideveldje waar tegenwoordig zoveel Heideblauwtjes zitten. Die waren er ook vandaag weer volop, evenals Bruin Zandoogjes. Ook had ik direct een Koevinkje en mijn eerste Oranje Zandoogje te pakken. Die laatste was zeer talrijk vandaag.
Oranje Zandoogje.
In tegenstelling tot hetgeen werd verwacht qua weer was het zwaar bewolkt, maar de temperatuur werd behoorlijk aangenaam vandaag en het miegelde van de vlinders op de Kampina. De drie 'gewone' witjes, veel Citroenvlinders, Dagpauwoog, Atalanta, Gehakkelde Aurelia, Distelvlinder, erg veel Landkaartjes, Groot Dikkopjes, een Boomblauwtje en een Hooibeestje lieten zich zien. Ik vond ook nog twee Kleine IJsvogelvlinders, een behoorlijk afgevlogen exemplaar en eentje die er nog wat fraaier uitzag.
Kleine IJsvogelvlinder.
Ik zocht me rot naar de weerschijnvlinder, maar hoe ik ook zocht: hij kwam er niet uit vandaag. Ook andere vlinderaars die ik tegenkwam hadden geen geluk. Wel slaagde ik erin om, door systematisch alle eiken af te speuren, uiteindelijk drie Eikenpages te vinden voor de jaarlijst. Helaas lieten ze zich niet fotograferen.
Qua vogels waren een Geelgors, een Witgat, zingende Boompiepers en een Roodborsttapuit de leukste soorten vandaag. De gewenste Boomvalk en Wespendief zaten er ook vandaag weer niet in.
Heideblauwtje.
Qua libellen was het iets minder vandaag. Natuurlijk waren er erg veel Blauwe Breedscheenjuffers en ook de Bloedrode Heidelibel vloog lekker, maar verder bleef ik steken op 1 man Weidebeekjuffer en idem Gewone Oeverlibel. Gelukkig kwam wel de Koraaljuffer eruit, en die was mijn negenentwintigste libellensoort van 2017.
Boomblauwtje.
Ik noteerde ook nog wat nieuwe bloeiende plantjes voor de jaarlijst, uiteraard, en een van de leukste waarnemingen van de dag was die van een Metaalvlinder, een prachtige nachtvlinder die familie is van de Sint-Jacobsvlinder en fraai metallic groen van kleur is. Het was een totaal nieuwe soort voor mij.
Landkaartje.
Al met al was het een heerlijke dag met ontzettend veel vlinders.

zaterdag 24 juni 2017

23-06-2017: Nachtbrakers.

Vanavond een mooie traditie in ere gehouden: een avondje genieten van nachtelijk gedierte op de Leusderheide met Christiaan. Om een uur of negen waren we ter plaatse en na een klein stukje lopen kwamen we aan bij de plek waar we altijd gaan staan wachten. Gelukkig lag die wat in de luwte, want het waaide harder dan ons lief was en we hoopten dat dat geen effect zou hebben op de activiteit van de vogels die we zochten.
Vooralsnog was het rustig. Er zong een verre Boompieper en een paar Roodborsten en Merels deden eveneens hun best, maar verder was er weinig actie. Af en toe ritselde er een muisje tussen het gewas, maar te zien kregen we ze niet.
Pas toen het bijna donker was, om tien voor half elf, hoorden we ineens de Houtsnip een paar keer roepen. Jammer genoeg vloog hij achter ons en de bomen langs en zagen we hem niet. Bovendien bleek dit de enige activiteit van de Houtsnip te zijn vanavond. Waarschijnlijk had hij er door de stevige westenwind niet veel zin in.
Vrijwel tegelijkertijd begon de eerste Nachtzwaluw te zingen. We hoorden er minimaal twee, misschien drie. Een paar keer hoorden we ook de vluchtroep en eenmaal kwam er een Nachtzwaluw prachtig dichtbij langs ons gevlogen, maar daar bleef het bij. Veel vliegactiviteit was er niet vanavond.
Gelukkig had Chris zijn batdetector meegenomen en zodoende waren we in staat om een grotere langs vliegende vleermuis te determineren als Laatvlieger, en een kleine als Gewone Dwergvleermuis.
Om even over elf hielden we het voor gezien. Het was ondanks het wat mindere weer toch weer een fijne avond geweest.

zondag 18 juni 2017

18-06-2017: Een Grijskoppurperkoet in de streek.

Aanvankelijk zat de vogel vrij ver weg en tussen de vegetatie.
Eergisteren werd er op de Vijfheerenlanden-app melding gemaakt van een 'purperkoet' die was gezien bij het kijkscherm aan de Huibert. Verder was er niet veel info: er was niet gezien of de vogel was geringd bijvoorbeeld, en of het misschien een Grijskoppurperkoet was, een soort die met een zekere regelmaat in ons land wordt gezien en veelal als escape wordt beschouwd.
Toch kunnen die rallen lange einden overbruggen, zo bewijzen ook Afrikaanse ralachtigen die af en toe in Europa opduiken, en zo'n waarneming vind ik dan ook altijd spannend. Toen de vogel vandaag weer werd ge-appt door Piet Solleveld, vergezeld van drie foto's, en duidelijk werd dat het inderdaad een Grijskop was, besloot ik te gaan kijken.
Later liet hij zich beter zien.
Ter plekke was alleen Ronald Jansen aanwezig, die me de goede plek aanwees, waar de vogel inderdaad in de kant zat, half verscholen tussen de vegetatie en vrij ver weg. Toch liet hij zich heel aardig zien en Ronald kon met de telescoop vaststellen dat beide poten ongeringd zijn, wat het toch wel een stukje spannender maakt allemaal.
Na een tijdje genieten verdween de vogel in de vegetatie en ik zocht nog wat naar libellen en scoorde zo nog de Kleine Roodoogjuffer voor de jaarlijst.
Kleine Roodoogjuffer.
Terwijl ik zo bezig was, kwam Enno Ebels aangelopen, die ik even vergezelde naar de juiste plek. Dat was een goede zet, want de vogel zat ineens veel dichterbij en liet zich even mooi zien en fotograferen, voordat hij een struik in vloog.
Mooi beessie!
Dat was voor mij het sein om te vertrekken. Ik ga er niet van uit dat de vogel zal worden aanvaard als wild, maar ach wat, het was een schitterend, spannend beest dat me een plezierige middag heeft bezorgd.

woensdag 14 juni 2017

14-06-2017: Een dagje Kampina.

Een van de drie Kleine IJsvogelvlinders van vandaag.
Het duurt wat langer, maar met de trein en de OV-fiets is de Kampina ook heel goed te doen. Dat heb ik vandaag uitgevonden. Om tien voor acht stapte ik in Leerdam in de trein en om negen uur was ik in Boxtel, waar ik een OV-fiets huurde en - na een vrij lange fietstocht omdat ik de juiste route niet goed kon vinden - na een dik halfuur fietsen parkeerde ik mijn fiets op het parkeerterreintje aan de Logtsebaan.
Direct vloog er een Bruin Zandoogje langs me, waarvan ik er vandaag meer dan 100 zag. Het was mijn eerste jaarsoort van de dag.
Een Spotvogel zat luidkeels te zingen en kwam ook nog even in de kijker, en de eerste Weidebeekjuffer diende zich aan. Van deze soort zag ik er zeker een stuk of vijftig vandaag.
Heideblauwtje, erg talrijk vandaag.
 Na wat leuke soorten die ik al op de jaarlijst had staan, waaronder nogal wat Groot Dikkopjes, vond ik mijn eerste Bloedrode Heidelibel van het jaar. Later kwam ik er nog een stuk of vier tegen. Ik speurde alle bloeiende bramen langs de bosrand af op een van mijn doelsoorten, de Kleine IJsvogelvlinder, die nu volop vliegt. De eerste was ook weer razendsnel vertrokken, maar ik zag er drie of vier vandaag en ze lieten zich steeds mooier en langduriger zien. Een heerlijke, fraaie soort altijd! Iets verderop vond ik mijn eerste Heideblauwtje van de dag en van het jaar, en ook daar ritselde het van op de bramen. Ik hoefde er niet eens het veldje voor op waar we ze de afgelopen paar jaar steeds hadden.

Bloedrode Heidelibel, nog niet uitgekleurd.
Intussen riep er in de verte een Raaf, en speurde ik de juffertjes af of er toevallig niet heel misschien een Speertje tussen zat. Maar vandaag vond ik alleen Azuurtjes en Blauwe Breedscheenjuffers, van beide soorten vele tientallen.
Langs de Beerze vond ik nog twee Kleine IJsvogelvlinders, en ook de Metaalglanslibel, een vaste gast hier, werkte prima mee. Ik speurde het beekje af en tussen de vele, vele Weidebeekjes vond ik uiteindelijk een van mijn doelsoorten: een mannetje Bosbeekjuffer!
Mannetje Bosbeekjuffer.
Na een tijdje te hebben genoten van deze altijd leuke soort, speurde ik verder naar een van mijn andere doelsoorten: de Beekrombout. Hiervoor is het al tamelijk laat en ik vond hem vandaag ook niet, helaas. Maar terwijl ik de boel afspeurde, landde er ineens een fraaie Glassnijder pal voor mijn neus, en deze soort had ik nog maar eenmaal in mijn leven voor de lens gehad. Heel fijn dus dat ik er nu een paar mooie plaatjes van kon schieten. Even later meldde zich het eerste Koevinkje van het jaar (voor mij althans), een vroeg exemplaar en daarom des te leuker.
De Glassnijder landde pal voor mijn neus.
Ik liep nog een eindje verder, maar dat leverde weinig op, behalve een roepende Grote Gele Kwikstaart dan. Daarom liep ik terug, speurde nogmaals de omgeving van de Beerze af, maar vond verder niets nieuws. Wel zong er fanatiek een Wielewaal, die ik helaas niet in de kijker kreeg, en er vloog een IJsvogel langs. En terwijl ik naar de Wielewaal luisterde en probeerde die te vinden, scharrelde er ineens een Gewone Bosmuis rond mijn voeten, snuffelde even aan mijn schoen en kuierde het struikgewas weer in. Gelukkig kon ik hem fotograferen, al bleek bij thuiskomst dat er slechts een aardig plaatje bij zat.
Gewone Bosmuis, wat een leuk beestje!
Teruglopend naar mijn fiets stuitte ik nog op twee Reeën, en gelukkig bleek de terugweg naar Boxtel een stuk korter en eenvoudiger dan de heenweg. Het was een lekker dagje geweest.
Groot Dikkopje, een van de vele.
Blauwe Breedscheenjuffers op de versiertoer.