woensdag 3 oktober 2012

04-09-2010: Nu al legendarisch


Het was vandaag een heerlijke nazomervogeldag. Zo'n dag die alles oplevert wat je je tevoren wenste, en meer. Toen ik vanmorgen om kwart over zes op het station van Leerdam op de trein stond te wachten, zat de Bosuil al te roepen: een goed teken. Twee uur later kwam ik in Haarlem aan, waar vogelvrienden Koert en René al op me stonden te wachten. Bij het inladen van mijn spullen vonden we een Zuidelijke boomsprinkhaan op Koert z'n auto: goed teken nummer twee. Ons doel van vandaag was Texel en het weer was heerlijk: zonnetje, twintig graden, weinig oostenwind. Tegen half tien bereikten we de veerboot in Den Helder, waar supertamme Zilvermeeuwen, Spreeuwen en Kauwen zich lieten portretteren. Op de boot was het natuurlijk meeuwen kijken en fotograferen (helaas geen bijzondere soorten deze keer) en in 't Horntje, de haven van Texel, werden we begroet door een groep van 18 Eiders. Toen was het op naar de tuintjes, helemaal op de noordpunt van Texel, want daar waren gisteren leuke soorten gezien. Bij aankomst stonden er al andere vogelaars te kijken bij het eerste bosjescomplexje: hier zat de Grauwe fitis. We schoven aan, maar na dik een half uur wachten hadden we alleen nog maar een glimp opgevan-gen van een klein vogeltje waarvan men zei dat het de Grauwe fitis was en verder waren we een mooie Blauwe kiek vrouw, een idem Bonte vliegenvanger en een Gekraagd roodstaartje rijker.
We besloten eerst naar doelsoort nummer twee te gaan, de Sperwergrasmus, die verderop in de tuintjes zat. Daar zag de situatie er nog hopelozer uit: een groot, nogal onoverzichtelijk duindoorn-complex waarin de struikensluiper zich moest bevinden. Zonder veel hoop stelden we ons op met de zon in de rug en een redelijk uitzicht over de bosjes. We vermaakten ons met een tiental mooie Tapuiten en een Paapje, totdat ik ineens een forse lichtgrijze zanger zag wegvliegen, een vlierbosje in. En ja hoor, na nog een kwartier wachten was het raak en zag ik 'm ineens vrij zitten. Even later vloog de Sperwergrasmus een stuk naar ons toe en kwam in een bosje dichterbij ons mooi zitten wezen. Hij liet zich zelfs even fraai door de telescoop bekijken.
Het spreekt vanzelf dat de stemming ineens omdraaide van 'gelaten' naar 'euforisch', en we gingen vol goede moed weer richting de Grauwe fitis. En gelukkig, na een minuut of tien was -ie daar, vlakbij ons in een kaal boompje, onder prachtig licht en liet -ie zich een paar keer geweldig bekijken. Ziezo! Met deze twee zeldzame skulkers in de tas konden we gerust een bak koffie en een broodje kroket gaan halen bij het vuurtorenrestaurant. Daarna was het de beurt aan de Grauwe franjepoot en een aantal normalere steltjes die we nog niet hadden. Althans, dat was het plan. Maar al snel bleek de weg die langs de oostrand van Texel loopt en waar alle leuke steltlopergebiedjes aan liggen, afgesloten te zijn voor een wielerwedstrijd. Jawel, u leest het goed.
Dat was een tegenvaller, maar omdat er ook plenty Grauwe franjes op het vasteland van Noord-Holland waren gemeld, gingen we nog even naar De Petten – alwaar we onder meer een mannetje Blauwe kiekendief, een paar Krombekjes en zo'n 250 Goudplevieren scoorden – en daarna richting boot, die we net misten, hetgeen ons de kans gaf om de inwendige mens nog wat te versterken met kroketten, koffie en softijs. Eenmaal weer op het vasteland reden we naar de Balgzandpolder, waar gisteren een Strandplevier zat. Die was er jammer genoeg niet, maar wel vond ik er twee Zwarte ruiters, die nog een jaarsoort waren, en onder meer twee Kleine zilverreigers.
Toen gingen we op naar de Dijkgatsweide, waar de afgelopen dagen maar liefst tien Grauwe franjepoten zaten. Helaas: we konden er niet een meer vinden. Enkhuizen dan maar, waar bij vuurtoren De Ven ook een groep van zeven zat. En jawel hoor: na een lange rit, bij het vallen van de avond, stonden we op de dijk bij Enkhuizen te genieten van vier Grauwe franjepoten, en ook nog een flinke groep Gele kwikken. Toen was het echt tijd om huiswaarts te gaan. Pas om negen uur zat ik in de trein en om half twaalf was ik eindelijk thuis, doodmoe, maar zeer voldaan. Het was een dag die ongetwijfeld op ons lijstje van 'legendarische vogeldagen' komt te staan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen